Arrestatie van christelijke burgers in zes steden na wapenstilstand tussen Iran en Israël

Sinds de wapenstilstand tussen Iran en Israël zijn tot nu toe ongeveer 20 christelijke burgers in zes steden gearresteerd.
Volgens gepubliceerde verslagen hebben ambtenaren van het ministerie van Informatie sinds de wapenstilstand tussen Iran en Israël ongeveer 20 christelijke burgers in de steden Teheran, Kerman, Kermanshah, Rasht, Orumiyeh en Varamin gearresteerd. Tot dusver zijn er geen informatie beschikbaar over hun identiteit, status en plaats van detentie.
Sommigen van hen worden na arrestatie beschuldigd van “verzwaring van de straf voor spionnen en medewerkers van het zionistische regime en vijandige landen,” dat een recent goedgekeurd wetsvoorstel van de Islamitische Raad van Adviseurs is met negen bepalingen. Volgens deze bepaling valt “elke inlichtingen-, spionage- of operationele activiteit voor Israël of andere vijandige staten” onder de categorie “corruptie op aarde,” wat de doodstraf tot gevolg heeft.
Dit voorstel heeft een zeer brede reikwijdte. Naast de genoemde onderwerpen zullen ook economische, veiligheids-, financiële, technologische of zelfs indirecte steun die leidt tot versterking of legitimering van Israël onder dezelfde straf vallen. Volgens dit voorstel zijn ook zware beperkingen voorzien voor media-, culturele en politieke activiteiten.
Volgens een van de bepalingen van het voorstel is “de verspreiding van negatief nieuws, overdrijving van schade, verzending van video’s of foto’s naar tegenstrijdige media en elke activiteit die verdeeldheid, openbare angst of aantasting van nationale veiligheid veroorzaakt, als misdrijf geclassificeerd.” Het voorstel, dat negen bepalingen bevat, werd maandag 23 juni door de Islamitische Raad van Adviseurs goedgekeurd, maar vanwege enkele onduidelijkheden werd het door de Raad van Toezicht naar het parlement teruggestuurd.
Een van de onduidelijkheden van het voorstel is de onduidelijkheid over “vijandige staten” en “vijandige groepen,” waarbij de Raad van Toezicht heeft benadrukt dat duidelijk moet worden aangegeven welke officiële instantie verantwoordelijk is voor het bepalen van de betekenis van deze begrippen. Dit zijn onduidelijkheden die al jaren bestaan in alle voorstellen en besluiten van de regering.
Hoewel de Islamitische Republiek Iran een ondertekenaar is van het Internationaal Verdrag inzake de rechten van de mens en artikel 18, en erkent religieuze minderheden, heeft zij herhaaldelijk christelijke burgers, bahai’s, joden, journalisten en maatschappelijke activisten gearresteerd en naar gevangenis gestuurd op grond van valse beschuldigingen van “aantasting van nationale veiligheid” en “propaganda tegen het systeem,” om hen vervolgens zeer zware straffen op te leggen, waaronder gevangenisstraffen, geldboetes en ontbering van sociale rechten. Dit terwijl het Hooggerechtshof van het land in 2021 verklaarde dat “christendom prediken en het vormen van huiskerken” geen misdrijf is en geen samenzwering vormt om de nationale veiligheid te verstoren; onduidelijkheden die altijd hebben bestaan en blijven bestaan.
Nu, meer dan twee weken na de wapenstilstand tussen Israël en Iran, voert de regering van de Islamitische Republiek arrestaties uit van maatschappelijke activisten, christelijke burgers, bahai’s, joden en tegenstanders van het regime in verschillende steden van Iran onder beschuldiging van spionage en samenwerking met Israël.
Het is vermeldenswaard dat 57 Iraanse juristen tegen het genoemde voorstel hebben geprotesteerd en door middel van een verklaring dit plan als “een groot rampscenario” voor Irans juridische en gerechtelijk stelsel hebben bestempeld.




