Iran Nieuws

Verslag achttiende zitting Hamid Noori-rechtszaak; een van de getuigen: wat hadden we gedaan dat we moesten worden gemarteld en geëxecuteerd?

De achttiende zitting van de rechtszaak tegen Hamid Noori, die wordt beschuldigd van deelname aan de executies in de zomer van 1988, vond woensdag 22 september plaats met een voortzetting van verhoor en tegenver­hooring van Masoud Ashraf Samani, getuige uit de vorige zitting van de rechtszaak.

De officier van justitie noemde de namen van veel gevangenen die Ashraf Samani eerder bij verhoren had genoemd, en vergeleek nogmaals enkele van de belangrijkste zaken met het getuigenis van vandaag in de rechtszaal. Hieronder bevonden zich namen van personen zoals Hamid Nejati, Ibrahim Akbari Seifat en Hejjat Nikouei.

De getuige erkende Hamid Noori als Hamid Abbasi en vroeg met tranen in de ogen: “Hoe konden personen als Hamid Noori deze jongens op deze manier doden? Deze jongens hadden uitspraken. Waarom werden wij gemarteld voor groepsathletiek?”

Ashraf Samani getuigde dat 29 juli de datum van het begin van de executies was. Hij vertelde van een dag toen een Pasdar hem naar een kamer bracht en hem tassen toonde en hem naar de identiteit van hun eigenaars vroeg. De getuige zei dat hij denkt dat deze tassen toebehoorden aan ter dood gebrachte gevangenen en dat men ze aan hun families wilde geven.

De advocaten van Noori’s verdediging stelden talrijke vragen aan de getuige over de plattegronden van de gevangenis in het boek van Iraj Mesdaghi. Ashraf Samani zei dat hij zestien jaar geleden de plattegronden van de gevangenis in Mesdaghi’s boeken had getekend. De verdedigingsadvocaten van de beklaagde stelden ook dat de data die door de getuige voor het hof waren aangegeven verschillen van die in de huidige rechtszaak in vergelijking met de Iran Tribunal.

In antwoord op deze stelling en op de vraag waarom hij geen melding van Hamid Noori had gedaan in de symbolische Iran Tribunal-zitting, zei de getuige dat hij tijdens zijn getuigenis in de symbolische Iran Tribunal-zitting niet voorzichtig was met de data en voegde eraan toe: “Die zitting ging niet over personen. Het ging over het executieproces.”

Masoud Ashraf Samani werd meermaals in de rechtszaal emotioneel en begon te huilen. Hij zei: “Wat hadden we gedaan dat we moesten worden gemarteld en geëxecuteerd?” Hij zei dat hij jarenlang onder behandeling staat en aan “post-traumatische stressstoornis” lijdt.

De getuige zei dat sinds twee jaar geleden toen het geval Hamid Noori begon zijn nachtmerries zijn teruggekeerd en hij ’s nachts niet meer dan twee of drie uur slaapt. Hij zei dat hij een gewoon mens is, maar gezien het lijden dat hij heeft ondergaan kan hij niet onpartijdig zijn en wil hij gerechtigheid.

Masoud Ashraf Samani stond in 1988 twee keer tegenover doodcommissies, inclusief Ashraqi, Nairi en Shushteri. Samani getuigde dat hij voor en na zijn aanwezigheid in de dodengang door Naserian was geslagen en meer dan een maand in eenzame opsluiting had gezeten en alleen aan executie ontsnapte door afstand van de Mojahedin af te kondigen en bereidheid tot een interview aan te geven.

Naar zeggen van de getuige vond dit interview na zijn vrijlating in 1989 plaats en duurde tien minuten en werd uitgevoerd door Hamid Noori.

Vanwege de lange getuigenis van Ashraf Samani werd de getuigenverklaring van Hamid Nejati Khalagh Doost verplaatst van woensdag naar de volgende zitting van het hof.

Volgens het van tevoren geplande schema zal in de volgende zitting van het hof, die donderdag 23 september plaatsvindt, ook Solmaz Alizadeh getuigen. Solmaz Alizadeh verloor haar vader Mahmoud Alizadeh tijdens de executies in de zomer van 1988. Haar getuigenis zal in het Engels zijn met een tolk.

 

Bron: Voice of America

Gerelateerde artikelen

Terug naar bovenkant pagina knop
Beschermd Door
Shield Security