Araghchi: Zonder oplossing van onze belangrijke bezorgdheden zullen we geen akkoord sluiten

Abbas Araghchi, hoofd van de onderhandelingsdelegatie van de Islamitische Republiek op de besprekingen in Wenen, stelde in een interview met Press TV duidelijk: “Een goed akkoord wordt bereikt wanneer onze belangrijke bezorgdheden worden opgeheven en zonder dat zullen we geen akkoord sluiten”.
De zesde ronde onderhandelingen van de Islamitische Republiek met de P4+1-landen voor terugkeer naar het JCPOA is vrijdag 11 juni in Wenen van start gegaan. Abbas Araghchi, hoofd van de Iraanse onderhandelingsdelegatie in deze besprekingen, zei in een interview met het Engelse kanaal Press TV van de Islamitische Republiek Iran over de vraag of deze ronde tot een akkoord zal leiden: “We moeten een goed akkoord hebben. Een goed akkoord wordt bereikt wanneer onze belangrijke bezorgdheden worden opgeheven en onze sleuteldoelstellingen worden bereikt. We zullen zonder realisatie van deze zaken geen akkoord sluiten.”
Veel waarnemers en experts zeggen dat de voorkeur van alle onderhandelingpartijen erin bestaat dat voor de presidentsverkiezingen in Iran (komende vrijdag) een akkoord wordt bereikt.
Dit terwijl Araghchi hierover heeft gezegd: “We blijven de onderhandelingen voortzetten. We hebben geen haast. We hebben voor onszelf geen deadline gesteld. Wat van belang is, is een goed akkoord dat onze cruciale en belangrijke vereisten bevat en onze eerder aangekondigd standpunten omvat.”
Het hoofdstuk van verschil in deze onderhandelingen is dat Iran zegt dat alle sancties van de Verenigde Staten moeten worden opgeheven en dat dit land vervolgens terugkeert naar zijn JCPOA-verplichtingen waarvan het stap voor stap is afgestapt. Dit terwijl de Verenigde Staten en ook de Europese landen niet bereid zijn sancties op te heffen die verband houden met schendingen van mensenrechten en Irans raketactiviteiten.
Araghchi herhaalde en verduidelijkte echter opnieuw indirect dit verzoek van Iran: “De Islamitische Republiek Iran heeft tot nu toe zijn moeilijke beslissingen genomen, (namelijk) na de onwettige terugtrekking van Amerika uit het JCPOA, toen Iran besloot in het akkoord (JCPOA) te blijven (nam het zijn moeilijke beslissing). We hebben destijds onze moeilijke beslissing genomen, maar nu is het de beurt aan de andere partij. Als zij willen terugkeren naar het JCPOA en als zij willen dat de Islamitische Republiek Iran volledig naar de uitvoering van zijn JCPOA-verplichtingen terugkeert, dan moeten zij ook hun moeilijke beslissingen nemen.”
De vice-minister van Buitenlandse Zaken van Iran benadrukte dat Amerika moet garanderen dat terugtrekking uit het akkoord niet meer zal plaatsvinden. Hij sprak ook over latere onderhandelingsrondes en de mogelijkheid dat deze tot een conclusie zullen leiden: “We zullen dit debat en deze gesprekken voortzetten zolang dat nodig is. Ik denk niet dat we in deze ronde tot een eindresultaat kunnen komen, men kan zelfs niet voorspellen dat de volgende ronde de laatste zal zijn. We tellen niet het aantal onderhandelingsrondes, maar tellen onze belangen.”
De verlengde deadline van Iran voor opheffing van alle sancties is 24 juni. Als de sancties tegen die datum niet worden opgeheven, zal Iran volgens het besluit van de Raad van Experts van Iran de uitvoering van het Aanvullend Protocol moeten stopzetten.
Araghchi uitten echter hoop dat dit niet zal gebeuren. Hij zei: “Niemand wil tot zo’n fase komen, omdat het onze gesprekken nog moeilijker maakt. Het is natuurlijk waar dat de tijdlijn tussen Iran en het IAEA in onze gesprekken gevolgen heeft, maar we proberen de gevolgen van deze kwestie tot het minimum te beperken.”
Hij voegde eraan toe: “Het is nog veel te vroeg om naar dat punt te willen gaan. We hebben nog genoeg tijd om tot een punt te komen waar Iran volledig kan terugkeren naar de uitvoering van het Aanvullend Protocol. Laten we nu niet oordelen, maar wachten en zien hoe de situatie in de komende dagen evolueert.”
De besprekingen in Wenen vinden plaats tussen de Islamitische Republiek en de landen Groot-Brittannië, Frankrijk, Duitsland, China en Rusland en met de indirecte aanwezigheid van Amerika.
Bron: DW




