Amnesty International beschuldigt Amerikaanse politie van grove schendingen van mensenrechten

Amnesty International heeft de hardhandige aanpak van de Amerikaanse politie bij antiracistische protesten veroordeeld en noemt de schending van het recht op vrijheid van meningsuiting en vergadering in de Verenigde Staten verontrustend.
Amnesty International heeft in een onderzoeksrapport geweld van de Amerikaanse politie tegen vreedzame antiracistische demonstraties gedocumenteerd. Het rapport stelt vast dat de politie opnieuw geweld heeft gebruikt tegen protestbijeenkomsten tegen politiegeweld.
Mishandeling van demonstranten, het gebruik van chemische stoffen zoals pepperspray en traangas en het afvuren van projectielen worden aangemerkt als voorbeelden van dit geweld.
Amnesty International beschrijft deze maatregelen als een verontrustende benadering van “het recht op leven, persoonlijke veiligheid, rechtsstaat” en als een ontkenning van de vrijheid van meningsuiting en vreedzame vergaderingen.
In het rapport wordt gesproken van “onevenredig en vaak excessief geweld” in 40 Amerikaanse staten, waaronder Washington, wat gepaard ging met 125 geopende onderzoeken. De slachtoffers van slagen, traangas of rubberkogels waren niet alleen demonstranten, maar ook journalisten en hulpverleners.
Amnesty International veroordeelt vooral het gebruik van traangas of pepperspray tijdens de coronapandemie en stelt dat demonstranten gedwongen waren hun maskers af te zetten om hun gezicht schoon te maken.
Het rapport is gebaseerd op interviews en verklaringen van 50 mensen die onder de demonstranten waren en dergelijk geweld hebben meegemaakt.
Katarina Masoud, deskundige op het gebied van Amerika bij de Duitse afdeling van Amnesty International, zegt: “Het overmatige en onevenredige gebruik van geweld tegen demonstranten in Amerika voortvloeit uit het niet ter verantwoording roepen van gewelddadige agenten en de ingeburgerde discriminatie bij de politie van de Verenigde Staten.”
Mevrouw Masoud is van mening dat de aanpak van de Amerikaanse politie jegens demonstranten fundamenteel moet veranderen, zowel op lokaal als op federaal niveau: “De inzet van agenten zoals in Portland gebeurde, is geen oplossing.”
Amnesty International heeft het Amerikaanse Congres gevraagd een wettekst aan te nemen ter bescherming van demonstranten, zodat ambtenaren die verantwoordelijk zijn voor mishandeling en geweldgebruik tegen het volk ter verantwoording kunnen worden geroepen en slachtoffers de nodige steun ontvangen.
De organisatie stelt dat elk jaar meer dan 1.000 mensen in Amerika door de politie worden gedood, maar omdat de regering geen gegevens verzamelt, is het exacte aantal slachtoffers niet bekend: “Statistisch gezien is er een onevenredig aantal zwarten onder de doden.”
Een maatschappijschokkende dood
De dood van George Floyd, een Amerikaanse zwarte burger, ter hand van een witte agent, ontketende een golf van woede en antiracistische protesten in de Verenigde Staten. De politie gooide Floyd, met handboeien om, op de grond en plaatste zijn knie op diens nek zodat hij niet kon bewegen. De druk van de knie en de negatie van Floyds roep om hulp, terwijl hij niet kon ademen, veroorzaakte een dood die Amerika schudde en mensen naar de straten dreef.
Dit incident benadrukte het debat over racisme in Amerika en het gewelddadig gedrag van de politie en maakte de leuze “Black Lives Matter” gangbaar.
Desondanks behandelde de politie demonstranten en hun vreedzame protesten met geweld en bedreigingen. Critici van Donald Trump zien zijn standpunten, onder meer het “terroristen noemen” van demonstranten, als factoren die het geweld tijdens de antiracistische protesten hebben geïntensiveerd.
Bron: DW




