Gerichte verspreiding van valse informatie door de Islamitische Republiek tegen religieuze minderheden

De Amerikaanse commissie verspreide gerichte valse informatie tegen religieuze minderheden.
De Amerikaanse commissie voor internationale religieuze vrijheid publiceerde een rapport waarin staat dat de regering van de Islamitische Republiek Iran systematisch en gericht onwaare en valse informatie verspreidt over religieuze en kerkelijke minderheden, vooral over christelijke burgers.
Het rapport werd gepubliceerd onder de titel “Valse informatie en desinformatie, gevolgen voor religieuze vrijheid en geloof” en beschrijft hoe valse en vervalste informatie over soennistische moslims, christenen, bahá’í’s, Gonabadi-derwisjen en joden in Iran, meestal via staatsmedia wordt verspreid.
In het rapport van de Amerikaanse commissie staat: “Met de Iraanse regering gelieerde media hebben vals en zonder bewijs beweerd dat christelijke converts uit de islam deel uitmaken van een zionistisch netwerk dat de nationale veiligheid bedreigt. Binnenlandse media verspreiden anti-christelijke uitspraken van politieke en religieuze functionarissen, waarvan de gevolgen niet beperkt zijn tot woorden alleen en volledig zichtbaar zijn in de rechtbeslissingen van overheidsgerechten tegen christenen.”
Ook uit gehackte documenten van de gerechtelijke macht door de groep genaamd “Ali Justice” blijkt dat een rechter verwijzingen naar Ali Khamenei’s uitspraken en maraji taqlid gebruikte om onderdrukking rechtvaardigen. De rechter citeerde Ali Khamenei dat zij binnenlands op verschillende manieren de geloofsgrondslag van het volk, vooral jongeren, ondermijnen. Van losbandig materialisme en promiscuïteit tot bevordering van valse mystiek, verspreiding van bahá’ísme en promotie van huiskerknetwerken, dit zijn dingen die vandaag de dag op instigatie en voorbereiding van tegenstanders van de islam worden gedaan.”
Daarnaast hebben VN-rapporteurs in de afgelopen maanden de Iraanse autoriteiten in een brief gevraagd om nauwkeurige uitleg te geven over de juridische en wettelijke grondslag voor veroordeling van christelijke gedetineerden, de interpretatie door Iraanse rechtbanken van onduidelijke beschuldigingen van “acties tegen nationale veiligheid” en “propaganda tegen het systeem” in zaken tegen christelijke gedetineerden, en aan te tonen hoe dit aansluit bij internationale normen inzake religieuze vrijheid en geloof. De regering van de Islamitische Republiek heeft echter niet alleen nooit op dit verzoek gereageerd, maar heeft ook geen enkel bewijs of document aangeleverd en heeft alleen de genoemde beschuldigingen herhaald.
In het rapport van de Amerikaanse commissie staat over deze zaak: “Een dergelijk handelen beperkt het klimaat van religieuze en kerkelijke vrijheid verder.” Het rapport, dat ook betrekking heeft op landen zoals China, Rusland, Pakistan en India, voegt eraan toe: “De verspreiding van valse beweringen over religieuze minderheden is een wereldwijd probleem voor religieuze of geloofsvrijheid, omdat sociale media en het internet deze beweringen de mogelijkheid geven sneller en breder dan ooit tevoren te worden verspreid.”




