Onderzoek naar benadering van Iraanse regering aangaande gijzeling van burgers met dubbele nationaliteit in artikel van ‘Coalitie tegen Iraans Kernprogramma’

De organisatie ‘Coalitie tegen Iraans Kernprogramma’ heeft in een artikel op haar website een onderzoek gepubliceerd naar de geschiedenis van gijzeling onder het Iraanse islamitische regime.
In dit artikel staat dat de Islamitische Republiek Iran sinds het begin van haar werkzaamheden buitenlandse en dualistische burgers in onderhandelingen met het Westen als onderhandelingspatronen heeft gebruikt, en door hen valse beschuldigingen toe te dichten en hen gevangen te zetten, heeft zij hen als politieke hefbomen gebruikt.
In het artikel van de organisatie ‘Coalitie tegen Iraans Kernprogramma’ wordt opgemerkt dat de Iraanse regering weigert dubbele nationaliteit van Iraanse burgers te erkennen en heeft geschreven dat het Iraanse regime met dit argument burgers met dubbele nationaliteit beroofd van consulaire diensten in hun land van verblijf. Volgens deze organisatie richt het Iraanse regime zich juist vanwege de dubbele nationaliteit van deze personen op hen, om dit voorwendsel als onderhandelingspatroon in onderhandelingen met westerse landen te gebruiken.
Het artikel vervolgt dat de internationale reacties op het systematische gebruik door Iran van gijzelingspolitiek van land tot land, en zelfs van politieke gevangene tot politieke gevangene, verschillen. Hoewel de gijzeling van burgers met dubbele nationaliteit in Iran niet nieuw is, is de bewuste beslissing van sommige Europese regeringen en instellingen om dit te negeren zowel nieuw als verontrustend. Terwijl sommige landen goed werk hebben verricht, zich hebben ingespannen voor hun burgers en actieve maatregelen hebben genomen voor hun vrijlating, waren er andere landen die op onverantwoorde wijze over deze kwestie zwijgen. In sommige gevallen hebben niet-gouvernementele organisaties veel beslistender maatregelen genomen dan de regering van hetzelfde land.
Volgens de organisatie ‘Coalitie tegen Iraans Kernprogramma’ zijn er gelukkig tekenen die erop duiden dat de Europese machten eindelijk hun geduld verliezen met Irans gedrag. Frankrijk, Duitsland en Groot-Brittannië ontboden in september 2020 de Iraanse ambassadeurs in hun landen in een gecoördineerde protestmaatregel tegen de gijzeling van burgers met dubbele nationaliteit door Iran en hun behandeling van politieke gevangenen. Dit was de eerste gecoördineerde maatregel van Europese machten tegen Irans systematische misbruik van burgers met dubbele nationaliteit en was een zeer hoopvol moment.
De organisatie ‘Coalitie tegen Iraans Kernprogramma’ benadrukt verder: ‘Zolang Europese landen en de Europese Unie geen gemeenschappelijke aanpak hanteren tegen Irans gijzelingspolitiek, is er weinig hoop op verandering in het gedrag van de Iraanse regering. Naleving van fundamentele normen van internationaal beleid en mensenrechten dient een voorwaarde voor Europese omgang met Iran te zijn, en niet een langetermijndoel. De tijd is gekomen dat Europese leiders hun waarden en hun burgers voorop stellen boven hun blinde verplichtingen tot onderhandelingen met een moreel onacceptabel regime.’
De organisatie ‘Coalitie tegen Iraans Kernprogramma’ presenteerde vervolgens een korte beschrijving van enkele van deze burgers met dubbele en meervoudige nationaliteit die in Iran gevangen zitten:
1. Dr. Ahmadrezā Jalāli, Iraans-Zweeds arts, ter dood veroordeeld: Dr. Jalali, die aan universiteiten in België en Zweden doceerde, werd in het najaar van 1396 ter dood veroordeeld onder de beschuldiging van ‘samenwerking met een vijandige staat’ na een duidelijk onrechtvaardig proces. Het regime heeft hem nadat het hem naar een isoleercel in de beruchte gevangenis Evin op 4 december 1399 overgebracht, meegedeeld dat hij binnenkort zal worden geëxecuteerd.
2. Kamrān Qāderī en Masoud Mosāhheb Oostenrijkse burgers van Iraanse komaf werden gearresteerd en gevangen gezet onder beschuldiging van ‘samenwerking met een vijandige staat’.
Kamran Qaderi, directeur van een technologie management- en consultingbedrijf met zetel in Oostenrijk, werd in de winter van 1395 tijdens een zakenreis naar Iran gearresteerd.
Masoud Mosaheb, een oudere Oostenrijkse burger van Iraanse komaf met dubbele nationaliteit die in 1370 de oprichter van de Irans-Oostenrijkse vriendschapsvereniging was, werd in de winter van 1398 tijdens zijn reis naar Iran gearresteerd. De heer Mosaheb reisde met een delegatie van ‘MedAustron’, een onderzoeks- en radiotherapiebedrijf in Oostenrijk, met het doel een centrum in Iran op te zetten.
3. Farībā Ādelkhāh, Franse burger van Iraanse komaf, en Rolland Mārshāl, Franse burger, werden gearresteerd en gevangen gezet onder beschuldiging van ‘samenspanning om acties tegen nationale veiligheid uit te voeren’.
Fariba Adelkhah, Frans-Iraanse antropoloog werkzaam bij ‘Sciences Po’, werd in de zomer van 1398 gearresteerd onder valse beschuldigingen van ‘anti-systeemische propaganda’ en ‘samenspanning om acties tegen nationale veiligheid uit te voeren’.
Kort na de arrestatie van mevrouw Adelkhah werd Roland Marshall, haar collega en partner, gearresteerd onder beschuldiging van ‘samenspanning om acties tegen nationale veiligheid uit te voeren’.
4. Nāznīn Zāgharī-Ratkcliff is misschien een van de meest bekende gevangenen met dubbele nationaliteit van Iran. In 1395 werd zij tot vijf jaar gevangenisstraf veroordeeld vanwege de valse beschuldiging van ‘samenzwering om het Iraanse regime omver te werpen’ en ‘het uitvoeren van een online journalistieke trainingscursus voor BBC Farsi met het doel individuen aan te werven en op te leiden voor propaganda tegen Iran’.
Ondanks de slechte gezondheid van mevrouw Zaghari-Ratcliffe en de druk van Groot-Brittannië voor haar vrijlating, en het feit dat minder dan een jaar van haar straf resteert, is de Islamitische Republiek Iran nog steeds niet bereid haar vrij te laten.
Bron: Voice of America




