Maandenlange onzekerheid voor gevangen onderwijzer in Evin-gevangenis; Ismaïl Abdi in slechte gezondheid

De echtgenote van een gevangen onderwijzer in Iran zegt dat haar echtgenoot sinds juni in de Evin-gevangenis in een onzekere situatie verkeert en dat zijn lichamelijke toestand ook niet gunstig is.
De echtgenote van Ismaïl Abdi, vakbondsactivist van onderwijzers, zei dat de verdedigende advocaat van deze gevangen onderwijzer tegen de afwijzing van het verzoek om herziening van de zaak uit 2010 heeft bezwaar gemaakt en verzocht heeft om juridisch artikel 477 toe te passen op de celstraf van tien jaar van meneer Abdi. Volgens deze juridische bepaling zal de celstraf van tien jaar van deze gevangen onderwijzer onwettig worden geacht.
Manirah Abdi, echtgenote van Ismaïl Abdi, vakbondsactivist van onderwijzers, sprak met Voice of America en beschreef de gezondheid van deze gevangen onderwijzer als ongunstig: “De zaak die momenteel tegen meneer Abdi in het gerechtelijk systeem loopt, gaat terug tot tien jaar geleden en zijn arrestatie door de inlichtingendienst van de IRGC in mei 2010. In de afgelopen jaren hebben de gerechtelijke autoriteiten herhaaldelijk tegen vorige advocaten en ook tegen Hossein Taj, de huidige verdedigende advocaat van deze gevangen onderwijzer, gezegd dat deze zaak gesloten is; maar dit vonnis is bevestigd door het Hooggerechtshof na afwijzing van het hoger beroep, en Ismaïl Abdi verkeerd sinds juni in een onzekere situatie in de Evin-gevangenis.”
Mevrouw Abdi zei dat het vonnis hem onder beschuldiging van “anti-staatsagitatie” en “openbaarmaking van veiligheidsinformatie” is betekend, terwijl de gerechtelijke autoriteiten gedurende de zes jaar van meneer Abdi’s veroordeling tot 17 juni 2020 geen waarschuwing hebben gegeven over de uitvoering van dit vonnis. Zij stelt dat dit vonnis onaanvaardbaar is en dat het alleen is uitgevaardigd vanwege zijn vakbondsactiviteiten.
De echtgenote van Ismaïl Abdi zegt: “Deze twee beschuldigingen zijn zowel volgens de grondwet als volgens de islamitische strafrechtswet volkomen onwettig. Wij als familie verzetten ons tegen dit vonnis. We zijn ongelukkig met deze situatie en wachten op een beslissing van het Hooggerechtshof.”
Manirah Abdi zei ook tegen Voice of America over de gezondheidstoestand van deze vakbondsactivist van onderwijzers: “Meneer Abdi werd eenmaal in de gevangenis met corona besmet en omdat hij lijdt aan astma en hoge bloeddruk, leed hij daar erge gevolgen van. Het lichaam van meneer Abdi is verzwakt door twee hongerstakingen die hij eerder heeft gehouden en hij werd na zijn besmetting met corona bijna drie weken in het gevangenisziekenhuis opgenomen.”
Voice of America meldde eind augustus dat Ismaïl Abdi samen met enkele andere politieke gevangenen, waaronder Amirsalar Davoudi, gerechtshuis advocaat, Jafar Azimzadeh, arbeidersactivist, Majid Ashrafi, Mohammad Ali Mosibi en Mohsen Ghanbari, besmet zijn geraakt met corona.
De echtgenote van deze gevangen onderwijzer zegt dat Ismaïl Abdi haar in een telefoongesprek vertelde dat hij enige tijd pijn aan de linkerkant van zijn lichaam voelt en dat het gevangenisziekenhuis alleen een hartfilmonderzoek van hem heeft gedaan en medicijnen voor hem heeft voorgeschreven; maar “deze pijn blijft bij meneer Abdi.”
Volgens mevrouw Abdi zijn de omstandigheden in de gevangenis niet hygiënisch, er worden geen hygiëneproducten aan gevangenen verstrekt, en in tegenstelling tot wat de Islamitische Republiek televisie beweert, worden alcohol en hygiëneproducten niet aan gevangenen verstrekt, en “gevangenen moeten hygiëneproducten zoals maskers en alcohol zelf tegen persoonlijke kosten aanschaffen.”
Manirah Abdi zei ook dat ondanks hun herhaalde verzoeken aan de gevangenisbewaarder en het openbaar ministerie om verlof voor meneer Abdi, hun verzoek niet is ingewilligd.
De echtgenote van deze vakbondsactivist van onderwijzers reageerde tegen Voice of America op de bevestiging van de celstraf van tien jaar voor Ismaïl Abdi: “De activiteiten van meneer Abdi waren vreedzaam. De gerechtelijke autoriteiten willen door het opsluiten van een vakbondsactivist en het openen van een gesloten zaak uit tien jaar geleden alleen onder andere activisten angst en schrik zaaien en vakbondsactiviteiten tegengaan.”
Ismaïl Abdi, die op 27 juni 2015 als afgevaardigde van de coördinatieraad van vakorganisaties van onderwijzers in het hele land wilde deelnemen aan het wereldwijde onderwijzerscongres, had de bedoeling naar Canada te reizen, werd gearresteerd en werd in het eerste gerechtshof in februari van datzelfde jaar tot zes jaar cel veroordeeld en het vonnis dat door rechtbank 36 van het appelhof van Teheran is gedaan, werd bevestigd; deze celstraf eindigde op 17 juni 2020, maar hij zit nog steeds in de Evin-gevangenis vanwege de afwijzing van zijn hoger beroep door het Hooggerechtshof tegen de celstraf van tien jaar die hem vanwege zijn vakbondsactiviteiten is opgelegd.
Mike Pompeo, Amerikaans minister van Buitenlandse Zaken, zei woensdag 25 maart op een persconferentie: “We hebben niet alleen van Syrië, maar ook van de Islamitische Republiek Iran gevraagd om in deze omstandigheden niet alleen Amerikaanse burgers, maar ook iedereen die onrechtvaardig in de gevangenis is opgesloten, vrij te laten. Dit is een humanitaire daad en afgezien van het feit dat deze mensen onwettig zijn opgesloten, dicteren humanitaire beginselen in deze omstandigheden dat zij uit de gevangenis worden vrijgelaten.”




