Nieuwe benoemingen in Revolutionaire Garde op bevel van Iraanse leider

Ayatollah Khamenei benoemde generaal Ali Fadavi tot plaatsvervanger van de opperbevelhebber van de Revolutionaire Garde en generaal Mohammad Reza Naqdi tot coördinerend adjudant van de Garde. Naqdi was eerder veroordeeld voor mishandeling van verschillende burgemeesters in een militaire rechtbank en later vrijgesproken.
Donderdag, 16 mei, bracht Ali Khamenei wijzigingen aan in de leiding van de Revolutionaire Garde. In een decreet gericht aan admiraal Ali Fadavi schreef hij: “Op voorstel van de opperbevelhebber van de Garde en gezien uw waardevolle ervaring en geschiktheid, benoemd ik u hierbij tot plaatsvervanger van de opperbevelhebber van de Revolutionaire Garde van de Islamitische Revolutie.”
Khamenei stelde dat hij van Fadavi verwacht dat deze een “jihadistische en revolutionaire rol” vervult in “het verbeteren van het niveau van operationele paraatheid en de succesvolle uitvoering van de missies van de Garde onder toezicht van de opperbevelhebber.”
In het decreet voor generaal Mohammad Reza Naqdi staat: “Op voorstel van de opperbevelhebber van de Garde en gezien uw waardevolle ervaring in de Garde en de Basij-beweging en uw geschiktheid, benoemd ik u hierbij tot coördinerend adjudant van de Revolutionaire Garde van de Islamitische Revolutie.”
Khamenei schreef over Naqdi’s taken onder meer: “Het verbeteren van de professionele capaciteit en efficiëntie van de staf van de Garde met gebruik van de mogelijkheden en capaciteiten van de elite- en jihadistische elementen in de Garde en de Basij om vooruitgang te boeken en volledige paraatheid te bereiken in de verdediging van de Islamitische Revolutie en het behoud van haar verworvenheden in constructieve samenwerking met de opperbevelhebber en andere organisaties van de gewapende strijdkrachten, onder voorwaarde van de maatregelen van de opperbevelhebber.”
Carrière Fadavi en Naqdi
Gardist Ali Fadavi, geboren in 1340 (1961) in Ardestan in Isfahan, was tot donderdag adjudant van de opperbevelhebber van de Garde. Eerder was hij dertien jaar commandant van de mariniers.
Fadavi ontving in februari 2016 samen met vier andere marineofficieren de medaille “Fatah” van Khamenei, de opperbevelhebber van de strijdkrachten.
Deze medaille wordt gegeven aan strijders die opmerkelijke militaire overwinningen hebben behaald. De “opmerkelijke overwinning” was de inbeslagname van twee Amerikaanse marineschepen en het arresteren van hun bemanningsleden in de buurt van het Perzische eiland. Tien Amerikaanse zeelieden werden een dag later vrijgelaten.
Het Amerikaanse Ministerie van Buitenlandse Zaken heeft onder het Irans Threat Reduction Act de binnenkomst van Ali Fadavi in de Verenigde Staten verboden.
Mohammad Reza Naqdi, geboren in 1340 (1961) in Teheran, begon zijn politieke activiteiten in Gilan als Basij-lid en sloot zich vrijwillig aan bij de Garde, waar hij de verantwoordelijkheid voor culturele zaken in deze provincie op zich nam.
Daarna bekleedde hij verschillende inlichtingenfuncties in de Garde op verschillende plaatsen in het land en nam onder het Ahmadinejaad-bestuur naast diverse andere posten ook de leiding van het antismokkelcommando over.
Hij werd in december 2016 benoemd tot cultureel en sociaal adjudant van de Revolutionaire Garde van de Islamitische Revolutie.
Tot Naqdi’s opvallende acties behoort de massale arrestatie van burgemeesters van Teheran en hun verhoor. In dit verband werd hij in een militaire rechtbank veroordeeld tot acht maanden gevangenis op beschuldiging van “intrekking van bevelen voor onwettige inmenging in de zaak van de gemeenteraad van Teheran” en laster, maar werd hij in hoger beroep vrijgesproken.
Bovendien wordt Naqdi’s naam geassocieerd met de aanval op de universiteitsbuurt van Teheran in juli 1999. Hij heeft herhaaldelijk gesteld dat hij geen rol had bij de onderdrukking van studenten in deze buurt.
Mohammad Reza Naqdi staat op de sanctielijst van de VN-Veiligheidsraad vanwege schendingen van de mensenrechten.
De Europese Unie heeft Naqdi ook het binnenkomen van EU-lidstaten verboden vanwege zijn rol in wijdverspreide schendingen van de rechten van Iraanse burgers.
Bron: DW




