Plan van parlementariërs voor rantsoenering van benzine

Parlementariërs in het Iraanse parlement hebben een plan ingediend voor hernieuwde rantsoenering van benzine, waarbij gezegd wordt dat benzinesubsidies op een “eerlijke” manier onder alle burgers worden verdeeld. In het plan voor geboekeerde benzine heeft elke Iraniër dagelijks aanspraak op één liter benzine.
Per nationale identificatiecode wordt dagelijks één liter benzine gestort op de rekening van de gezinshoofd. Dit is een samenvatting van het plan dat door parlementariërs is ingediend. Volgens de verwachtingen van degenen die dit plan hebben voorgesteld, kan elke Iraniër zijn of haar quota op elke gewenste manier gebruiken of “geheel of gedeeltelijk tegen vrije prijs verkopen” en zelfs “exporteren”.
Enkele Iraanse media hebben Hossein Ali Hajidelligani genoemd als de belangrijkste ontwerper van de “benzinerantsoenering”, maar er zijn tot nu toe geen details gepubliceerd over hoe “geboekeerde benzine kan worden geëxporteerd”.
Volgens Hajidelligani, lid van de commissie Begroting en Planning van het Iraanse parlement, tonen onderzoeken aan dat 20 procent van de Iraanse bevolking helemaal geen auto of motorfiets heeft en 20 procent van de bevolking meer benzine verbruikt dan de quota die in de huidige brandstofkaart zijn vastgesteld.
“Onderbedeelde groepen kunnen hun benzine verkopen”
Volgens de ontwerpers en voorstanders van terugkeer naar geboekeerde benzine, in geval van stijging van de benzineprijs, wat de regering nastreeft, kunnen “onderbedeelde” groepen hun beschikbare benzine tegen “vrije prijs” verkopen.
De prijs van geboekeerde benzine is nog niet aangekondigd en er is in het parlement en de regering nog geen discussie over gevoerd, maar verwacht wordt dat dagelijks een bepaalde hoeveelheid benzinequota aan elke Iraniër wordt toegewezen tegen “subsidiaire prijzen”. Deze prijs is nog niet beoordeeld en aangekondigd.
Sommige media hebben dit plan aangeduid met de naam “toewijzing van benzinequota aan alle Iraniërs”. Eerder waren verschillende plannen voorgesteld voor prijsstelling en de manier van benzineverbruik in Iran, en hernieuwde toepassing van brandstofkaarten en verdeling van gesubsidieerde benzine onder alle burgers in de vorm van bonnen waren onder aandacht gekomen.
De presidium van de Islamitische Raad van het parlement kondigde ontvangst van dit plan aan, dat naar verluidt ook door Ali Larijani, voorzitter van het parlement, wordt ondersteund, en verwierp in feite de optie van de regering-Hassan Rohani voor “prijsstijging” van benzine in 1398.
Na het verzet van het parlement tegen de regering over de stijging van de benzineprijs naar 1500 tomans en de nadruk van de regering op stijging van diverse brandstofprijzen, is het voorstel voor rantsoenering en verkoop van benzine tegen twee verschillende tarieven in 1398 ernstig ter discussie gesteld.
Publieke benzinemarkt voor koop en verkoop
In het tweede punt van het plan voor geboekeerde benzine is de regering gevraagd een systeem in te stellen zodat Iraanse burgers hun overtollige quota kunnen verkopen. Een onderwerp waarop “Donyaye Eghtesad” verwijst, aangehaald van Asadollah Gharekhani Oloostani, woordvoerder van de Energiecommissie van de Islamitische Raad van het parlement: “Sommigen hebben voorgesteld dat de regering optreedt en extra benzinequota aankoopt en deze tegen vrije tarieven aan geïnteresseerde personen verkoopt, en sommigen hebben ook voorgesteld dat een markt voor dit doel wordt opgericht en de regering naast andere personen als koper of verkoper deelneemt en de prijs wordt bepaald op basis van vraag- en aanbodprincipes.”
Rapporten wijzen op een groei van meer dan 8 procent in benzineverbruik in jaar 97 vergeleken met jaar 96, zodat het verbruik afgelopen zomer de grens van 100 miljoen liter per dag overschreed. Er wordt geschat dat het gemiddelde benzineverbruik in jaar 97 tussen de 80 en 90 miljoen liter per dag ligt.
Energieverbruik in Iran en brandstofsmokkel zijn andere onderwerpen die gezegd wordt dat hervorming van benzineverdelingspolitiek noodzakelijk hebben gemaakt. In de afgelopen maanden, vooral na de stijging van diverse valutakoersen in Iran, hebben binnenlandse media bericht over de toename van brandstofsmokkel vanuit Iran naar buurlanden en hebben zij het prijsverschil per liter benzine of diesel in Iran en buurlanden gerapporteerd op rond de 15.000 tomans; een onderwerp dat geleid heeft tot “intensivering van het brandstofsmokkelproces”.
Er zijn geen officiële en precieze statistieken over benzine- en dieselsmokkel in Iran, maar de organisatie ter bestrijding van waarsmokkel en valuta maakt het bedrag bekend op ongeveer 11 miljoen liter per dag; een cijfer dat volgens sommige onbevestigde statistieken zelfs tot 30 miljoen liter per dag is gerapporteerd.
Bron: DW




