Reporters Without Borders: Iran op plaats 164 in wereldwijde ranglijst persvrrijheid

De organisatie Reporters Without Borders waarschuwde in haar nieuwste rapport over persvrrijheid in de wereld voor «toename van haatoproepen» tegen journalisten, aanmoediging om hen te confronteren en opleggen van informatie door autoritaire regimes.
Iran staat in de ranglijst van 2018 op plaats 164 van de 180 landen.
Noorwegen, Zweden en Nederland staan aan de top van de ranglijst van persvrijheid in de wereld. Het land met de minste persvrijheid is Noord-Korea, gevolgd door Eritrea en Turkmenistan.
Volgens «Reporters Without Borders» heeft Iran in het huidige kalenderjaar geen bijzondere vooruitgang geboekt in vergelijking met vorig jaar en blijft het «in de lagere categorieën steken».
Dit media-toezichthoudend orgaan herinnerde eraan dat de Islamitische Republiek Iran nooit erin is geslaagd de laagste categorie van de tabel te verlaten en altijd «naast de ergsten» heeft gestaan. Iran stond in 2011 onder de vijf onderste landen van de tabel en een jaar daarvoor stond het nog lager.
Hoewel plaats 164 in vergelijking met vorig jaar, toen Iran op plaats 165 stond, een teken van verbetering zou kunnen zijn van de situatie van vrijheid van meningsuiting en media, herinnert «Reporters Without Borders» eraan dat deze «verbetering» één plaats is vanwege verslechtering van de situatie in andere landen.
Volgens deze organisatie is Iran nog steeds een van de vijf grootste gevangenissen ter wereld voor journalisten en burgerverslaggevers, en sinds december 2017 zijn «meer dan twintig journalisten en vijftig burgerverslaggevers» in dit land gearresteerd.
De organisatie «Reporters Without Borders» kritiseerde de «wet op de media-regelgeving» van de Islamitische Republiek en zei dat deze wet «naast juridische tekortkomingen en ineffectiviteit voor de Iraanse samenleving, journalisten ook in ambtenaren van de staat wil omzetten».
Dit verwijst naar de voorgestelde wet van de regering van de Islamitische Republiek vorig jaar die journalistiek afhankelijk maakt van «het verkrijgen van een journalistenvergunning». In geval van een «persmisdrijf», als het artikel van iemand afkomstig is die geen journalistenvergunning heeft, wordt hij voor een gewoon gerechtshof berecht zonder aanwezigheid van een jury. Dit gebeurt terwijl de organisatie voor mediaregelgeving volledig onder controle van de regering van Iran staat en journalisten daar geen onafhankelijkheid hebben.
De organisatie Reporters Without Borders zegt dat «onderdrukking» van informatievrijheid niet beperkt is tot het binnenland en dat «wereldmedia en vooral Farsi-sprekende media buiten het land ook slachtoffers zijn van onderdrukking, bedreigingen en censuur» door de Iraanse regering.
Dictators, oorlog en «informatievrijheidsgaten»
Reporters Without Borders waarschuwde voor de journalistiek die door autoritaire regimes wordt opgelegd en zei tegelijkertijd dat dictators en oorlogslandenen landen in «informatievrijheidsgaten» veranderen.
In de ranglijst van deze organisatie staat Syrië op plaats 177, een ander oorlogsland in het Midden-Oosten, Jemen op plaats 167 en Irak op plaats 160. De situatie in andere Midden-Oosterse landen is ook niet beter. Saoedi-Arabië is vijf plaatsen lager dan Iran en staat op plaats 169, terwijl de Verenigde Arabische Emiraten op plaats 128 staan.
«Reporters Without Borders» zei dat op de kaart van persvrijheid in 2018 nooit zoveel landen in zwarte omstandigheden, dat wil zeggen «zeer onwelkom», hebben gestaan en «veel landen in het Midden-Oosten bevinden zich in deze categorie».
Het media-toezichthoudend orgaan zei dat de situatie van persvrijheid in de Verenigde Staten «opnieuw is achteruit gegaan» en dat die in Canada, een ander Noord-Amerikaans land, «blijft verbeteren». De situatie in het Afrikaanse continent is enigszins verbeterd, maar het richtingsgevoel van Oost-Europa en Zuid-Azië is verschoven naar het Midden-Oosten en Noord-Afrika.
Volgens deze organisatie wordt de situatie in het Midden-Oosten en Noord-Afrika «jaar na jaar ongunstig».
Reporters Without Borders publiceert zijn ranglijsting over persvrijheid sinds 2002 jaarlijks eenmaal. Volgens deze organisatie zijn patronen zoals zelfcensuur en intimidatie en onderdrukking van informatievrijheid, wettelijke infrastructuur en kaders, pluralisme en onafhankelijkheid van media de criteria voor de jaarlijkse publicatie.
Bron: Radio Farda




