Iran Nieuws

Amerikaans commissie kritiseert schendingen religieuze vrijheid in Iran en Saoedi-Arabië

De Amerikaans commissie voor internationale religieuze vrijheid hield op woensdag 17 december een virtuele hoorzitting met als titel “Schendingen van religieuze vrijheid en geweldgebruik door de regeringen van Saoedi-Arabië en Iran” om de gevolgen van vrijheid van religie of geloof en het goedkeuren of opleggen van een enkele interpretatie van religie door de regeringen van Saoedi-Arabië en Iran te onderzoeken.

Aan het begin van deze virtuele hoorzitting sprak Nadine Maenza, voorzitter van de Amerikaans commissie voor internationale religieuze vrijheid, over gevallen van schendingen van de rechten van religieuze minderheden in Saoedi-Arabië en Iran, zoals onderdrukking, gedwongen bekentenissen en executie van Sjiitische moslims door Riyad, evenals systematische schendingen van de rechten van Bahai’s en executie van Sunnische moslims door Teheran.

Schendingen van religieuze vrijheid van vrouwen in deze twee landen, met inbegrip van mannelijk gezag over vrouwen en arrestatie van vrouwen die zich verzetten tegen verplichte hijab, waren onderwerpen waarop mevrouw Maenza verder inging.

In het vervolgverlopen van deze virtuele hoorzitting ging Anuradha Bhagwati, commissielid van de Amerikaans commissie voor internationale religieuze vrijheid, in op enkele manieren waarop mensenrechten in Saoedi-Arabië en Iran worden geschonden, zoals het gebruik van elektrische schokken, fysieke foltering, zweepslagen en eenzame opsluiting tegen activisten van religieuze en geloofsgemeenschappen. Betreffende Iran verwees zij specifiek naar de arrestatie, foltering en dood van Behnam Mahjoubi, van de Gonabadi-derwisjen.

Mevrouw Bhagwati verwees in een ander deel van haar toespraak naar herhaalde schendingen van de rechten van LHBTI-personen en moorddreigingen tegen hen door de regeringen van Iran en Saoedi-Arabië, gebaseerd op hun interpretatie van religie.

Grensoverschrijdende maatregelen van Riyad en Teheran tegen activisten voor mensenrechten die hen tegenstand bieden, waaronder de mislukte poging van de Islamitische Republiek om Masih Alinejad, een activiste voor vrouwenrechten en presentatrice van het Voice of America-programma, te ontvoeren, waren het centrale onderwerp van een ander deel van mevrouw Bhagwati’s toespraak.

Vervolgens werd een videoboodschap van Mohammad Ali Taheri, oprichter van Erfan Halgheh, naar deze hoorzitting uitgezonden. Daarin, terwijl hij kritiek had op de beperkte interpretatie van religie door de Iraanse regering en maatregelen van de Revolutionaire Garde tegen hem en Erfan Halgheh, uitten hij de hoop dat de commissie aanhangers van Erfan Halgheh zou steunen.

Na de videoboodschap van Mohammad Ali Taheri sprak Ted Deutch, Democratisch afgevaardigde in het Amerikaans Huis van Afgevaardigden uit Florida.

De heer Deutch begon zijn toespraak door te wijzen op het aanstaande drieënzeventigste jubileum van de publicatie van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en noemde enkele van zijn inspanningen ter bevordering van religieuze vrijheden.

Hij ging vervolgens in op pesterijen en wederrechtelijke arrestatie van religieuze minderheden in Iran, met name aanhangers van het Bahai-geloof. Volgens de heer Deutch: “Elke bedreiging of aanval op een religieuze minderheid is een bedreiging of aanval op alle wereldburgers.”

Na Ted Deutch begon het eerste paneel van de virtuele hoorzitting met de toespraken van Ahmed Shaheed, speciaal rapporteur van de Organisatie van de Verenigde Naties op het gebied van vrijheid van religie of geloof en voormalig speciaal rapporteur van deze organisatie over de situatie van mensenrechten in de Islamitische Republiek Iran.

In het begin van zijn toespraak verwees hij naar gewelddadige acties van de Iraanse regering, vooral tegen religieuze en geloofsgemeenschappen, en stelde dat systematische schendingen van de rechten van Bahai’s het leven in Iran voor aanhangers van dit geloof ondraaglijk hebben gemaakt. De heer Shaheed waarschuwde voor het verontrustende proces van toenemende schendingen van de rechten van religieuze minderheden in landen onder invloed van de Islamitische Republiek Iran.

De voormalig speciaal rapporteur van de Verenigde Naties over de situatie van mensenrechten in Iran verwees in een ander deel van zijn toespraak naar de regering van de Islamitische Republiek als een voorstander van antisemitisme ter wereld en herinnerde ook aan illegale acties van deze regering tegen Iraanse christenen.

Volgens Ahmed Shaheed zouden de Verenigde Staten en regeringen ter wereld verdedigers en mensenrechtenactivisten moeten ondersteunen en speciale aandacht moeten besteden aan het programma van de Islamitische Republiek om aanhangers van het Bahai-geloof uit Iran te verdrijven. Volgens hem moeten de Verenigde Staten in dit opzicht actief optreden tegen pogingen van de regering van de Islamitische Republiek om legitimiteit te verkrijgen in instellingen die onder de auspiciën van de Verenigde Naties vallen.

De speciaal rapporteur van de Verenigde Naties over vrijheid van religie of geloof antwoordde op een vraag over de verandering in de situatie van religieuze en geloofsgemeenschappen onder de regering van Ibrahim Raisi door te zeggen dat de situatie erger is geworden. Hij voegde eraan toe dat na Raisi’s aantreding onderdrukten meer onderdrukking tegen religieuze en geloofsgemeenschappen plaatsvindt, en verwees naar de behandeling van Bahai’s door de regering als een “steen van weerzin” voor dit probleem.

De heer Shaheed zei ook dat de Iraanse regering niet mocht worden toegestaan om zich dubbelzinnig uit te laten op het gebied van mensenrechten, en voegde eraan toe dat de Iraanse regering kwetsbaar is voor maatschappelijke en civiele druk.

Het tweede paneel van de virtuele hoorzitting van de “Amerikaans commissie voor internationale religieuze vrijheid” begon met de toespraken van Eric Goldstein, uitvoerend directeur van de Afdeling Midden-Oosten en Noord-Afrika van Human Rights Watch.

De heer Goldstein noemde in zijn toespraken talrijke gevallen van mensenrechtenschendingen in de twee landen Iran en Saoedi-Arabië, waaronder hun intolerantie tegenover critici, het ontbreken van een onafhankelijke rechtsmacht, hoge aantallen doodstraffen, intolerantie tegenover religieuze en geloofsgemeenschappen, systematische geslachtsdiscriminatie, intolerantie tegenover seksuele minderheden, strikte censuur en toezicht op het internet, onderdrukking van critici buiten de landsgrenzen (zoals de moord op Jamal Khashoggi en de ontvoering en executie van Rouhollah Zam), en steun voor onderdrkkende regeringen in de regio.

De heer Goldstein verwees in een ander deel van zijn toespraak zeer kort naar de onderdrukking van de Groene Beweging en ook de onderdrukking van protesten in november 1998 door de regering van Iran, en vroeg de Verenigde Staten om gebruik te maken van internationale organisaties om druk uit te oefenen op de regeringen van Iran en Saoedi-Arabië vanwege mensenrechtenschendingen.

Het tweede paneel vervolgde met de toespraken van Marjan Greenblatt, oprichter en directeur van de Alliantie voor de Rechten van Alle Minderheden. Mevrouw Greenblatt begon haar toespraak door te wijzen op het aantal gevangenen uit religieuze en geloofsgemeenschappen (Bahai’s, Sunnieten, Christenen en Derwisjen) in Iran en voegde eraan toe dat aanhangers van deze religies en geloven in de Islamitische Republiek Iran “burgers van de tweede klasse” zijn.

Mevrouw Greenblatt herinnerde in haar vervolgstelling aan voorbeelden van systematische discriminatie van de Iraanse regering tegen Zoroastriërs, Christenen, Sunnieten, Bahai’s en Joden.

In een ander deel van haar toespraak zei zij, verwijzend naar de trieste situatie van mensenrechten in grensgebieden, dat in Khuzestan, Baluchistan en Koerdistan religieuze en etnische discriminatie “twee zijden van dezelfde munt” zijn.

In het slottadeel van het tweede paneel sprak Hala Al-Dosari, onderzoekster naar vrouwengezondheid en aktiviste uit Saoedi-Arabië, over de slechte situatie van mensenrechten in haar land.

Discriminatie tegen religieuze minderheden, een fatwa van een religieus figuur dicht bij Mohammed bin Salman, de kroonprins, met betrekking tot het doodslaan van tegenstanders van de regering, wijdverspreide arrestatie van onafhankelijke religieuze personen die niet in lijn waren met de regering ideologie tegelijkertijd met bin Salmans machtsovername in 2017, haatspreiding tegen Sjiieten, en de slechte situatie van Saudische vrouwen en onvoldoende aandacht van de regering voor hun problemen waren de belangrijkste thema’s van mevrouw Hala Al-Dosari’s toespraak.

 

Bron: Voice of America

Gerelateerde artikelen

Terug naar bovenkant pagina knop
Beschermd Door
Shield Security