Uitspraak Amerikaans Hooggerechtshof: Bevroren Iraanse bezittingen moeten als schadevergoeding aan terreurslachtoffers worden uitgekeerd

Volgens FCNN heeft het Amerikaanse Federale Hooggerechtshof woensdag, 21 april, de eerdere uitspraak van Amerikaanse gerechtshoven bevestigd waarbij ongeveer twee miljard dollar schadevergoeding uit de bevroren Iraanse bezittingen in de Verenigde Staten moet worden uitgekeerd aan de families van slachtoffers van terroristische aanslagen waarvoor Iran verantwoordelijk wordt gesteld.
De uitspraak van het Hooggerechtshof met een score van 6 tegen 2 betekent feitelijk een afwijzing van de stellingen van Iraanse advocaten dat het besluit van het Congres in 2012 onwettig was. Dit besluit van het Congres bevestigde de uitspraak van Amerikaanse gerechtshoven voor de betaling van 2 miljard en 650 miljoen dollar schadevergoeding aan de nabestaanden van slachtoffers van terroristische aanslagen die in 2007 een rechtszaak hadden aangespannen.
Deze klachten betreffen onder meer de bommenwerping op de basis van het Amerikaanse Marinierskorps in Beiroet in 1983, waarbij 241 Amerikanen om het leven kwamen, de bommenwerping op toren in Saoedi-Arabië in 1996, de terroristische aanslagen van 11 september, en andere terroristische aanslagen waarvoor Iran wordt beschuldigd van het leveren van financiële middelen of het faciliteren van deze aanslagen.
De uitspraak van het Hooggerechtshof vandaag wordt gedaan op het moment dat Iran en de Verenigde Staten in de afgelopen dagen gesprekken hebben gevoerd over de tenuitvoerlegging van het uitgebreide nucleaire akkoord van vorige zomer en Teherans ontevredenheid over Irans gebrek aan toegang tot het internationale financiële systeem vanwege de resterende sancties van Washington.
In het meest recente geval hebben Javad Zarif, Irans buitenlandminister, en John Kerry, buitenlandminister van de Verenigde Staten, dinsdag in New York met elkaar gesproken over deze kwestie. Beide partijen hebben verklaard dat zij hun gesprekken vrijdag zullen voortzetten.
Verschillende wetten zijn in het afgelopen decennium door het Amerikaanse Congres aangenomen ter facilisering van schadevergoeding, wat geen praktisch resultaat voor de families van slachtoffers heeft opgeleverd. De wet die in 2012 werd aangenomen, bekend als de “Iran Threat Reduction Act”, geeft echter specifiek gerechtshoven de opdracht om schadevergoeding aan families van slachtoffers uit de bevroren Iraanse bezittingen uit te keren.
De Amerikaanse regering heeft op basis van een overeenkomst met de Islamitische Republiek Iran tot nu toe voorkomen dat schadevergoeding aan de families van Amerikaanse slachtoffers van deze terroristische aanslagen uit de bevroren Iraanse bezittingen wordt betaald.
Iran heeft bezwaar gemaakt tegen de uitspraak van het Hooggerechtshof van New York in 2014 waarin werd bepaald dat dit bedrag aan eisers uit de in beslag genomen bezittingen van de Iraanse Centrale Bank op een rekening bij Citibank moet worden betaald, en omschreef dit als “onwettig”.
De bevroren bezittingen van de Iraanse Centrale Bank bij Citibank zouden naar verluidt een bedrag van ongeveer 1 miljard en 750 miljoen dollar bedragen.




