Iran Nieuws

Uitspraken van Mahmoud Alavi over de bekering tot het christendom in enkele delen van Iran

Zaterdag 4 mei 2019 sprak Mahmoud Alavi, minister van Inlichtingen van de Islamitische Republiek Iran, op een bijeenkomst van predikers die in de maand Ramadan worden uitgezonden, over de maatregelen van dit ministerie om bekering tot het “evangelisch christendom” in enkele delen van Iran tegen te gaan.

Volgens het rapport van Human Rights in Iran zei Mahmoud Alavi zonder in details te treden dat het ministerie van Inlichtingen in samenwerking met de theologische seminaria personen en instellingen uitnodigt die zich verzetten tegen christelijke evangelisatie en hen naar gebieden brengt die “onder invloed van evangelische propaganda staan”.

De minister van Inlichtingen van de Islamitische Republiek vervolgde: “Soms worden we gedwongen zelf in te grijpen, hoewel dit eigenlijk taak van het seminarium is, want geloof wordt verzwakt door twijfel en versterkt door druk. Daarom kunnen seminarium-geleerden afwijkende geloven met hun twijfels verzwakken.”

Volgens meneer Alavi hadden in een van de steden in Hamadan enkele personen met “normale” banen, zoals het verkopen van broodjes, zich tot het christendom bekeerd, en het ministerie van Inlichtingen had hen “ontboden”.

Hij voegde eraan toe: “Sommigen van deze personen zeiden dat we op zoek zijn naar een religie die ons vrede geeft… We zeiden tegen hen dat de islam de religie van broederschap en puurheid is. Ze zeiden dat islamitische geleerden voortdurend tegen elkaar spreken; als de islam de religie van oprechtheid is, dan moet er eerst puurheid en oprechtheid tussen de eigen geleerden tot stand worden gebracht.”

In de afgelopen jaren zijn een aantal evangelische christenen gearresteerd en tot langdurige gevangenisstraffen veroordeeld. In veel gevallen luidde de beschuldiging tegen deze personen “daden tegen de nationale veiligheid door het starten en deelnemen aan huiskerken”.

Sinds de overwinning van de revolutie in februari 1979 zijn minstens zes kerkleiders in Iran gedood, en honderden christenen zijn onder verhoor gesteld en gevangengenomen.

Daarnaast is het drukken van de christelijke Bijbel in het Perzisch verboden, zijn enkele kerken gesloten en is belet gemaakt op kerkdiensten in het Perzisch.

Het dient opgemerkt te worden dat hoewel christenen volgens de wet officieel als een religieuze minderheid worden erkend, volgen de veiligheidsdiensten het vraagstuk van moslims die zich tot het christendom bekeren met bijzondere gevoeligheid en gaat men hardhandig tegen activisten op dit gebied om.

De onderdrukking van religieus andersdenkenden in Iran schendt internationale mensenrechtendocumenten, waaronder artikel 18 en 19 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, evenals artikel 18 van het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten aangenomen op 16 december 1986, dat het recht van individuen op godsdienstvrijheid en het vrijelijk uitoefenen van religieuze rituelen zonder vrees erkent, en religieuze verspreiding voor individuen zonder beperking vrij heeft verklaard.

 

Bron: Human Rights in Iran

Gerelateerde artikelen

Terug naar bovenkant pagina knop
Beschermd Door
Shield Security