VN: vijf miljoen Syrische kinderen zijn ontheemd

Een nieuw rapport van onderzoekers naar mensenrechten van de Verenigde Naties toont aan dat gewapende strijdgroepen in Syrië kinderen misbruiken voor krijgszuchtige doeleinden. Ongeveer 2,6 miljoen kinderen zijn ontheemd geraakt binnen Syrië en 2,5 miljoen kinderen zijn uit dit land gevlucht.
De commissie van de Verenigde Naties maakte vandaag, donderdag 26 december (16 januari) in haar nieuw rapport bekend dat sinds 2011 verschillende schendingen tegen Syrische kinderen hebben plaatsgevonden.
Volgens persbureau DW vermeldt het rapport van deze commissie onder meer het gebruik van kinderen bij zelfmoordaanslagen en bomaanslagen, de inzet van kindsoldaten voor gevechten en seksueel geweld tegen hen.
Deskundigen op het gebied van mensenrechten van de Verenigde Naties schatten in dat 2,6 miljoen kinderen binnen Syrië ontheemd zijn geraakt en 2,5 miljoen kinderen ook uit dit land zijn gevlucht.
Kinderen beroofd van onderwijs
In dit rapport wordt vermeld dat tot dusver meer dan 2,1 miljoen meisjes en jongens in Syrië van voortgezet onderwijs zijn beroofd, en dat tienduizenden in de afgelopen jaren ook hun onderwijskansen zijn kwijtgeraakt.
Scholen in Syrië worden herhaaldelijk aangevallen door troepen die de Syrische regering steunen. Sommige burgeractivisten hebben bericht dat op 1 januari 2020, naar aanleiding van een raketaanval door Syrische regeringstroepen op een school in de stad Idlib, minstens acht burgers werden gedood.
Karen Abu Zeid, lid van de VN-commissie, verwees naar de noodzaak van onmiddellijke maatregelen door de Syrische regering ter ondersteuning van dit land en verzocht dat onderwijsmogelijkheden opnieuw worden ingesteld zodat kinderen naar de schoolbanken kunnen terugkeren.
Hij voegde eraan toe: “Gewapende groepen die zich een bepaald grondgebied en grenzen hebben toegeëigend, moeten ook zo snel mogelijk de nodige middelen en faciliteiten voor kinderonterwijs voorzien.”
Het lijden van Syrische kinderen
In dit rapport werden de pijn en het lijden van kinderen en de psychologische schade die hen is berokkend, nader bekeken en vervolgens werd het plaatsen van kinderen in situaties als “aanvallen, beleg, marteling, detentie en het verlies van een normaal leven” als zorgwekkend beschreven.
Deze commissie steunde op interviews met vijfduizend Syrische kinderen en jongeren en stelde in een ander deel van haar rapport vast dat “veel Syrische meisjes en jongens lijden onder problemen als slapeloosheid, een gevoel van onveiligheid, gedwongen vertrek uit hun land, angst voor wraak, wanhoop en angst”.
De Syrische crisis begon toen een aantal Syrische vrijheidsstrijders in maart 2011 vreedzame demonstraties organiseerden. Deze demonstraties veranderden snel in een omvattende strijd en vervolgens werd Syrië het toneel van botsingen tussen demonstranten en in- en uitlandse machten.
De aanwezigheid van enkele buurlanden van Syrië hierbij en de confrontatie tussen buitenlandse bondgenoten en binnenlandse tegenstanders van de Syrische regering hebben dit land op verschillende locaties het toneel van zeer veel conflicten gemaakt.
Het Bureau voor Humanitaire Coördinatie van de Verenigde Naties (OCHA) kondigde aan dat ongeveer 350.000 mensen, waarvan 80 procent vrouwen en kinderen zijn, sinds begin december 2019 zijn ontheemd uit de omgeving van de stad Idlib, als laatste verdedigingsbasis in de Syrische oorlog, en hebben onderdak gezocht in grensgebieden dicht bij Turkije.
Bron: DW




