Michelle Bachelet: Onderdrukking in november 1998 in Iran was “het ergste voorbeeld van regeringsgeweld in decennia”

De VN-Hoog Commissaris voor de Rechten van de Mens verwees in een verklaring naar het recente rapport van de VN-Secretaris-Generaal en stelde dat dit rapport wijst op een “verontrustend mensenrechtenperspectief” voor mannen en vrouwen in Iran van elk geloof, etnische afkomst en maatschappelijke klasse.
Michelle Bachelet, VN-Hoog Commissaris voor de Rechten van de Mens, gaf dinsdag 21 mei in een verklaring met verwijzing naar het rapport van de VN-Secretaris-Generaal over de periode van 1 juni tot 18 maart van vorig jaar het volgende te kennen: “Wij betreuren het feit dat het kader voor politieke deelnaming in Iran niet in overeenstemming is met internationale normen.”
Zij stelde voorts dat door de protesten van november 1998 als “het ergste voorbeeld van regeringsgeweld tegen protesten in decennia” te beschrijven, dat betogers, mensenrechtenactivisten, advocaten, journalisten en maatschappelijke organisaties in Iran worden geconfronteerd met intimidatie, bedreiging, willekeurige arrestatie en strafvervolging, inclusief doodstraf.
Zij voegde eraan toe dat tot dusver geen enkele verantwoordingsplicht is ingesteld met betrekking tot grove schendingen van de mensenrechten door veiligheidstroepen in reactie op de protesten van november 1998, en dat aanzienlijke inspanningen voor de behandeling van talrijke klachten over gedocumenteerde martelingen en mishandeling van kinderen, vrouwen en mannen in verband met gedwongen bekentenissen door justitiële instellingen achterwegen zijn gebleven.
Michelle Bachelet voegt eraan toe dat de voortdurende straffeloosheid voor schendingen van de mensenrechten in Iran een “ernstige bezorgdheid” blijft.
De VN-Hoog Commissaris voor de Rechten van de Mens zei verder dat met betrekking tot de uitspraak en tenuitvoerlegging van doodsvonnissen in het afgelopen kalenderjaar in Iran minstens 267 mensen, waaronder 9 vrouwen, zijn geëxecuteerd, waarvan slechts 91 executies zijn aangekondigd. Sinds het begin van 2021 zijn ook 95 mensen geëxecuteerd.
Zij noemde ook de statistieken van gedetineerde minderjarige misdadigers in Iran die op de uitvoeringswachtrij staan: “Meer dan 80 minderjarige misdadigers in Iran wachten op executie en minstens vier van hen lopen risico op een spoedige executie.”
Mevrouw Bachelet waarschuwde in deze verklaring dat het aantal executies in verband met drugsdelicten, vooral voor burgers van etnische en religieuze minderheden, waaronder Koerden, Arabieren en Belotsjis, stijgt.
De VN-Hoog Commissaris voor de Rechten van de Mens stelde ook, met verwijzing naar de verslechterende toestand van de economie en het bestaan, hoge inflatie en wijdverbreide werkloosheid in Iran die hebben geleid tot toegenomen onvrede en openbare protesten, dat: “Autoriteiten hebben geen neiging getoond zinvolle politieke hervormingen door te voeren.”
Michelle Bachelet merkte ook op dat veel maatschappelijke activisten zijn veroordeeld en gevangen gezet omdat zij het vrouwenrecht ondersteunden en zich verzetten tegen verplichte hijab, en noemde het wetsvoorstel “Bescherming van waardigheid en steun aan vrouwen tegen geweld” dat momenteel in het parlement in behandeling is, gebrek aan noodzakelijke uitvoeringsgaranties en stelde dat het wetsvoorstel kindhuwelijk en verkrachting in het huwelijk niet strafbaar stelt en niet meerdere discriminerende bepalingen tegen vrouwen in de burgerlijke wet van Iran opheft.
In deze verklaring is ook verwezen naar de ontbonden groepering “Imam Ali Samenleving” in het kader van onderdrukking van activiteiten van het maatschappelijk middenveld in Iran.
De verklaring benadrukt ook dat het bestaan van sancties niet betekent dat de verantwoordelijkheid voor het voorkomen van verspreiding van coronavirus op basis van mensenrechtenregels, inclusief het voorkomen van verspreiding van COVID-19 in gevangenissen en behandeling van geïnfecteerde gevangenen, door de staat wordt ontheven.
Mevrouw Bachelet zei aan het einde van deze verklaring dat de VN-Raad voor de Rechten van de Mens bereid is samen te werken met Iraanse leiders om een “veiliger mensenrechtenbasis” voor het land tot stand te brengen.
Bron: Voice of America




