Shirin Ebadi protesteert via brief aan VN tegen onderdrukking van religieuze vrijheden in Iran

Shirin Ebadi, Iraanse mensenrechtenadvocaat en winnaar van de Nobelprijs voor de Vrede, heeft gereageerd door een brief naar de Hoge Commissaris voor de Rechten van de Mens van de Verenigde Naties te sturen ter proteste tegen de invoering van nieuwe beperkingen door het Iraanse regime op het gebied van religieuze vrijheden.
In de afgelopen dagen zijn er berichten verschenen op sociale netwerken dat het Iraanse regime nieuwe beperkingen invoert waardoor burgers die niet in de islam geloven of niet in een van de drie erkende religies – christendom, jodendom en zoroastrisme – erkend in de grondwet van de Islamitische Republiek, geen nationale ID-kaart kunnen krijgen. Deze berichten hebben reacties van mensenrechtenactivisten en gebruikers van sociale netwerken uitgelokt.
جواد ابطحى نماينده اصولگرا
خلاصه تذكر:ضرورت بازنگرى در كارت ملى هوشمند و حذف گزينه “ساير” در كارت مذكور كه موجب به رسميت شناخته شدن فرقه هاى ضاله مى باشد،از جمله #بهايى ها…
مملكتى كه در گردابى از مشكلات گرفتار است و دغدغه نمايندگانش جلوگيرى از به رسميت شناخته شدن شهروندان كشور! pic.twitter.com/a3CuhB2FGh— Atish آتیش (@Atiiiiish) December 28, 2019
Mevrouw Ebadi is een van de critici van de nieuwe ID-kaartwetgeving in Iran en heeft donderdag 24 januari 2019 via een brief aan de Hoge Commissaris voor de Rechten van de Mens van de VN haar bezorgdheid geuit over de invoering van nieuwe beperkingen tegen volgelingen van andere religies door de Islamitische Republiek. Zij heeft gevraagd om alle juridische mogelijkheden in te zetten om de situatie van de mensenrechten in Iran te verbeteren.
In haar brief, waarvan zij ook kopieën heeft gestuurd naar de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties, de Speciale Rapporteur voor Mensenrechten in Iran, de Speciale Rapporteur voor Vrijheid van Religie, de Speciale Rapporteur voor Vrijheid van Meningsuiting en de Speciale Rapporteur voor Willekeurige Arrestaties, merkt deze Iraanse mensenrechtenadvocaat op dat er ongeveer 350.000 baha’i in Iran leven. Zij stelt dat in Iran ook atheïsten, baha’i, Yarsan-volgelingen en Jezidi’s leven die op deze manier van burgerrechten worden beroofd.
Mevrouw Ebadi besluit haar brief met de opmerking dat “het antwoord op elke vorm van protest in dit land kogels of gevangenis is” en wijst erop dat ondanks herhaalde internationale aandacht en binnenlandse protesten, de mensenrechtsituatie in Iran steeds slechter wordt en zich in een crisis dreigt te ontwikkelen.
Recent hebben vertegenwoordigers van 33 landen, waaronder de Verenigde Staten, vrijdag 8 november tijdens een periodieke zitting over de mensenrechtsituatie in Iran kritiek geuit op schendingen van de rechten van etnische en religieuze minderheden, waaronder baha’i-burgers in Iran, en hebben zij van de Iraanse regering gevraagd hun rechten na te leven.
Internationale organisaties ter verdediging van mensenrechten en de Verenigde Staten hebben herhaaldelijk het lastigvallen en opsluiten van volgelingen van religieuze minderheden in Iran veroordeeld.
Javaid Rehman, Speciale Rapporteur voor Mensenrechten van de VN in Iran, stelde in zijn tweede rapport dit jaar over de mensenrechtsituatie in Iran dat de Islamitische Republiek baha’i niet langer alleen vanwege hun religieuze overtuigingen terechtstellet, maar dat het gevaar van invallen, arrestaties en opsluiting ervan voortdurend aanwezig is. Sinds augustus 2005 zijn meer dan 1.168 baha’i gearresteerd en met vage en dubieuze beschuldigingen geconfronteerd.
Eerder zei Sam Brownback, Amerikaans ambassadeur voor religieuze vrijheid, tegen Voice of America: “Iran staat bovenaan de lijst van landen die betrokken zijn bij vervolgingen van religieuze minderheden in het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken en dit regime vervolgt elke religieuze minderheid die het ongeschikt acht.”
Mike Pompeo, Amerikaanse Minister van Buitenlandse Zaken, zei tijdens een toespraak bij de presentatie van het jaarlijkse rapport over religieuze vrijheid dat de onderdrukking van baha’i, christenen en andere religieuze en geestelijke minderheden in Iran blijvend zeer zorgwekkend is.




