150 politieke en civiele activisten: Gezondheidssysteem is aan de rand van ineenstorting door privatisering

Ongeveer 150 politieke en vakbondsactivisten, kunstenaars en journalisten binnen en buiten Iran hebben een verklaring ondertekend waarin zij de regering van het land kritiseren voor haar aanpak van de coronavirus-epidemie. Ze stellen dat “verschillende vormen van discriminatie, gebrek aan toegang tot medische zorg en gezondheidsfaciliteiten zijn verergerd en het verzwakte gezondheidssysteem onder de schaduw van privatisering aan de rand van ineenstorting is geraakt”.
Volgens deze groep zijn de nodige voorzorgsmaatregelen niet getroffen om de wijdverspreide coronabedreiging voor de volksgezondheid aan te pakken, en daarna zijn er onvoldoende maatregelen genomen om deze in te dammen.
De ondertekenaars van de verklaring voegden eraan toe en verwezen naar de officiële statistieken die door de Islamitische Republiek zijn aangekondigd: “Vrijwel iedereen is het erover eens dat de regering informatie over de ziekte heeft achtergehouden en niet succesvol is geweest in het beheer van de daaruit voortvloeiende crisis”.
Volgens officiële statistieken van de Islamitische Republiek is het aantal coronaslachtoffers in Iran tot maandag opgelopen tot 2.757 mensen en het totale aantal coronapatiënten tot 41.495 gevallen. In dit verband geeft het Iraanse ministerie van Volksgezondheid geen uitsplitsing van het aantal mensen dat in verschillende provincies met coronavirus is besmet of aan het virus is gestorven.
De Wereldgezondheidsorganisatie heeft eerder verklaard dat het aantal officieel geregistreerde besmettingsgevallen in Iran mogelijk slechts een vijfde van het werkelijke aantal is.
Statistieken die Radio Farda tot nu toe uit verspreide verklaringen van lokale officiele personen en bronnen van het ministerie van Volksgezondheid heeft verzameld, wijzen erop dat 66.657 mensen vanwege klinische symptomen van coronavirus zijn opgenomen of onder toezicht zijn gesteld in 31 provincies van Iran.
Deze statistieken tonen ook aan dat 4.298 mensen in 31 provincies van Iran het leven hebben verloren.
In de verklaring van 150 politieke en vakbondsactivisten staat, met verwijzing naar “zowel korte-termijn als structurele wanbeheer in het omgaan met de crisis”: “Jaren van uitvoering van economische aanpassingspolitiek hebben een verschrikkelijk beeld geschetst. Dit omvat het feit dat miljoenen arbeiders onder armoedige omstandigheden zonder werkloosheidsverzekering en geen ander inkomstenbron naar huis zijn gestuurd, en straathandelaren zijn praktisch hun baan kwijtraakt”.
De ondertekenaars van de verklaring voegden eraan toe: “Koolies die eerder slachtoffers waren van kou en kogels zijn beroofd van dezelfde gevaarlijke beroep, en degenen die nog steeds werken, hebben geen beschermingsmiddelen tegen de ziekte”.
Tegelijkertijd schreven zij in hun beschrijving van de gevangenistoestand dat gevangenisgebruikers hun straf uitzitten in de schaduw van de dood.
Naar het oordeel van tientallen ondertekenaars van de verklaring zijn arbeidskrachten in de diensten en gezondheidszorg onder deze omstandigheden beroofd van minimale steun en werkzekerheid.
In een ander gedeelte van deze verklaring eisen zij, gezien de verslechtering van de situatie, “het stopzetten van werk in alle niet-essentiële sectoren en betaald verlof voor werknemers met onderliggende ziekten in andere sectoren, het uitvoeren van brede COVID-19-testprogramma’s en volkstoezicht, bemiddeld door onafhankelijke instellingen en media, op crisis-management, verspreiding ervan en toewijzing van middelen en hulp”.
“Toewijzing van basisinkomen voor iedereen in quarantaine of zonder voldoende inkomsten om in hun basisbehoefte te voorzien, universele gratis verzekering en verstrekking van beschermingsmiddelen voor gezondheid aan werknemers in voedings- en distributie- en gezondheids- en medische sectoren” zijn andere eisen van de ondertekenaars van de verklaring.
“Strikte naleving van gezondheidsnormen in gevangenissen, revalidatiecentra en verslaving-afkickings-kampen, opvang van daklozen in huizen en lege openbare ruimten en toekenning van speciale faciliteiten voor huur en elektriciteits-, water- en gaskosten” zijn andere eisen van deze politieke en civiele activisten.
Tot de ondertekenaars van de verklaring behoren Nemat Azarm, Amir Abbas Azarmvand, Anisha Asadollahi, Farrough Asadpour, Mehrdad Emami, Aazam Bahrami, Abed Tvanchieh, Amir Javaheri Langaroudi, Reza Hajihosseini, Mohsen Hakimi, Mina Khani, Mazdak Daneshvar, Faraj Sarkouhie en Abbas Samakkar.
Fateme Sadeghie, Parviz Sedaghati, Nasser Zarafshan, Behrouz Farahani, Morad Farhadpour, Kaveh Qoreyshi, Sepideh Ghollyan, Parviz Gholichkhani, Farshin Kazeminia, Ali Kashtgar, Ammar Goli, Mohammad Maljoo, Kamran Matin, Hassan Mortazavi, Akbar Massoombigi, Shahram Musullchi, Bagher Moumeni, Maryam Vahidian en Nasrin Hazaremoghadam zijn ook ondertekenaars van de verklaring.
Bron: Radio Farda




