Nieuw dodental onder kinderen in oorlogen vastgesteld; Afghanistan, Jemen en Syrië aan kop

Een recent rapport van de Verenigde Naties toont aan dat vorig jaar meer dan 12.000 kinderen zijn gedood en gewond geraakt tijdens gevechten en gewapende conflicten wereldwijd, wat neerkomt op een nieuw recordaantal kinderslachtoffers. Afghanistan, Syrië en Jemen staan aan de top van dit rapport.
Volgens Associated Press zijn de kinderslachtoffers in 2018 geregistreerd uit meer dan 24.000 gevallen van ‘ernstige schendingen’ van kinderrechten in het VN-rapport: van kindsoldaten tot seksueel misbruik en geweld, en herhaalde aanvallen op scholen en ziekenhuizen.
Het ergste was het lot van kinderen in Afghanistan. Het land staat aan de top van het rapport ‘Kinderen in gewapende conflicten’ met 3.062 geregistreerde doden en gewonden. Kinderen vormen bijna 30 procent van alle burgerdoden in dat land.
In Syrië hebben luchtaanvallen, mijnexplosies, bombardementen met olievaten en clusterbommen, waarvan velen aan de Syrische regering worden toegeschreven, geleid tot de dood en verwonding van 1.854 kinderen.
De Syrische regering en haar voornaamste bondgenoot bij luchtaanvallen, Rusland, hebben massale luchtaanvallen op burgers ontkend. Echter, zelfs nog voordat het VN-rapport werd gepubliceerd, had het kinderfonds van de Verenigde Naties, UNICEF, al gezegd dat het aantal kinderen dat is gedood in Syrische conflicten groter is dan in voorgaande jaren en dat het aantal aanvallen op scholen en ziekenhuizen is toegenomen.
Ook in Jemen zijn minstens 1.689 kinderen gedood en gewond geraakt tijdens landgevechten en aanvallen van de door Saoedi-Arabië geleide coalitie.
De door Riyad geleide coalitie wordt zwaar bekritiseerd in dit opzicht. De directeur van de Verenigde Naties bij de mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch zei tegen Associated Press: ‘De Saoedische coalitie voert sinds 2015 verschrikkelijke geweld uit tegen kinderen in Jemen, en er is geen bewijs dat zij probeert de situatie te verbeteren’.
De ambassadeur van Saoedi-Arabië bij de Verenigde Naties zei echter tegen het persagentschap Reuters dat het recente rapport verwijst naar de inspanningen van de coalitie om de veiligheid van kinderen in de Jemenoorlog te waarborgen, en dat vanuit het perspectief van Riyad ‘het leven van elk kind kostbaar is’. Abdullah Muallem betwijfelde ondertussen de bronnen en informatie die aan het rapport ten grondslag liggen en stelt dat de cijfers ‘overdreven’ zijn.
Reuters had eerder gerapporteerd dat de namen van de door Teheran gesteunde Houthis, naast de pro-gouvernementele paramilitairen die door Saoedi-Arabië worden gesteund, ook op deze lijst voorkomen.
Volgens het rapport ‘Kinderen in gewapende conflicten’ zijn vorig jaar 59 Palestijnse kinderen gedood en meer dan 2.750 andere kinderen gewond geraakt. In dezelfde periode zijn ook zes Israelische kinderen gewond geraakt.
António Guterres, secretaris-generaal van de Verenigde Naties, heeft zijn diepe bezorgdheid uitgesproken over de toename van letsel veroorzaakt door traangas tijdens conflicten.
Daarnaast heeft de Verenigde Naties ook bezorgdheid geuit over de toename van aanvallen op scholen en ziekenhuizen.
Vorig jaar zijn minstens 225 aanvallen op scholen en hulpcentra in Syrië geregistreerd, wat het hoogste aantal is sinds het begin van de Syrische burgeroorlog in 2011. Ook in Afghanistan zijn scholen en hulpcentra meer dan 250 keer aangevallen.
Het VN-rapport over kinderen in gewapende conflicten wordt sinds 2005 opgesteld en gepresenteerd aan de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties op haar verzoek. De cijfers van vorig jaar zijn de slechtste sinds dit rapport voor het eerst werd gepresenteerd.
Bron: Radio Farda




