Woordvoerder Revolutionaire Garde ontkent uitspraak Salaami over “harde wraak” op daders Fakhrizadeh

De woordvoerder van de Revolutionaire Garde ontkende zondag, 30 november, een tweet van Hossein Salaami, commandant van de organisatie, waarin hij stelde dat “harde wraak en straf” tegen degenen die Mohsen Fakhrizadeh, een kerngeleerde, hebben gedood, “op de agenda staat”.
Salaami schreef op 27 november op een aan hem toegeschreven Twitterpagina dat “de minachtende vijanden van het Iraanse volk, vooral de ontwerpers, uitvoerders en steunpilaren van deze misdaad, moeten weten dat dergelijke misdaden geen afbreuk zullen doen aan de vastberadenheid en wil van Iraniers om deze glorieuze en gezaghebbende weg voort te zetten”.
Hij voegde hieraan toe: “Harde wraak en straf tegen hen staat op de agenda”.
De tweet van de commandant van de Garde werd meer dan achttienduizend keer geliked en meer dan duizend keer gedeeld.
Nu schrijft het persagentschap Tasnim naar aanleiding van Ramadan Sharif, woordvoerder van de Revolutionaire Garde, dat “berichten die aan de opperbevelhebber van de Garde worden toegeschreven in cyberspace over hoe wraak te nemen op de daders van de moord op Fakhrizadeh” worden ontkend.
Mohsen Fakhrizadeh, die het etiket “mysterieuze kernman” van de Islamitische Republiek had gekregen, werd op 27 november gedood bij een dodelijke operatie in Absard, Damavand. Enkele Iraanse functionarissen en media wezen onmiddellijk met beschuldigende vinger naar Israël, dat in het verleden herhaaldelijk werd beschuldigd van het vermoorden van kerngeleerden van de Islamitische Republiek.
Functionarissen en media van de Islamitische Republiek hebben tegenstrijdige verhalen gegeven over de details van deze operatie en hebben tegelijkertijd tegenstrijdige reacties laten zien over hoe hierop moet worden gereageerd.
In het meest recente verslag van de operatie van vrijdag meldde het persagentschap Fars, dicht bij de Revolutionaire Garde, dat het schietincident op het voertuig van Mohsen Fakhrizadeh plaatsvond met behulp van “automatische wapens” en “er geen menselijke factor op de plaats van de moord aanwezig was”.
Volgens dit persagentschap duurde de gehele genoemde operatie “drie minuten”.
De publicatie van dit bericht vond plaats terwijl het Ministerie van Inlichtingen van de Islamitische Republiek een verklaring afga en zei dat “aanwijzingen over de daders van de moord op Mohsen Fakhrizadeh zijn verkregen”.
Deze beveiligingsdienst onder toezicht van Hassan Rouhani beloofde tegelijkertijd aanvullende informatie “later” bekend te maken.
Ali Bagheri Kani, plaatsvervangend hoofd van internationale betrekkingen van de rechterlijke macht, zei ook dat “naast binnenlandse capaciteiten, alle internationale capaciteiten zullen worden gebruikt voor rechtszaak, onderzoek en vervolging van de daders en aanstichters van de moord op martelaar Fakhrizadeh”.
Hij beschouwde de dood van Mohsen Fakhrizadeh als “straf op een volk”.
Aan de andere kant ontkende Behrouz Kamalvandi, woordvoerder van de Atoomenergieorganisatie, uitspraken van Javad Karimi Qodousi, afgevaardigde van het parlement, over gesprekken tussen functionarissen van het Agentschap en Mohsen Fakhrizadeh in het verleden.
Kamalvandi zegt: “Dit onderwerp is fundamenteel niet waar. Fakhrizadeh heeft geen enkele ontmoeting of gesprek gehad met de vroegere directeur-generaal, inspecteurs of functionarissen van het Internationaal Atoomenergieagentschap”.
Javad Karimi Qodousi attackeerde op 28 november Hassan Rouhani door het plaatsen van een tweet en zei tegen hem dat “tijdens uw voorzitterschap van de uitvoerende macht en onder druk van de vijand en uw instemming, onze kerngeleerde Dr. Mohsen Fakhrizadeh met Yukiya Amano, voormalig directeur-generaal van het Internationaal Atoomenergieagentschap, werd ontmoet”.
Hij waarschuwde de president van Iran dat “u zeker ooit voor het tribunaal van rechtvaardigheid moet verantwoording afleggen voor het zo gemakkelijk ter beschikking stellen van nationale middelen aan Mossad-spionnen en moordenaars”.
Deze bewering was eerder al tegenover ontkenning van de plaatsvervanger van communicatie en persagentschap van het presidentiële kantoor gestuit en Ali Aghazadeh Mesaji schreef in een tweet dat “jaren durende aandringen op leugenachtigheid is helemaal niet normaal”.
Bron: Radio Farda




