De arm van de Islamitische Republiek in Londen; onder de loep, maar nog steeds gerechtigd tot het werven van personeel

Ondanks voortdurende officiële onderzoeken naar mogelijke banden tussen het ‘Islamic Centre of England’ en de Islamitische Republiek, staat deze instelling nog steeds op de lijst van instellingen met een vergunning voor het ondersteunen van visumaanvragen voor gespecialiseerd personeel en religieuze voorgangers in Groot-Brittannië. Dit roept opnieuw vragen op over de uitbreiding van de invloedssfeer van de Islamitische Republiek over de grenzen heen en de overdracht van haar ideologische netwerken naar Europa; critici stellen dat Londen een instelling die onder onderzoek staat niet de mogelijkheid zou mogen bieden om buitenlands personeel aan te trekken.
Recente rapporten gepubliceerd in Groot-Brittannië tonen aan dat het ‘Islamic Centre of England’ ondanks jaren van officiële onderzoeken door de Britse Charity Commission nog steeds een vergunning van het Ministerie van Binnenlandse Zaken bezit voor het ondersteunen van visumaanvragen voor gespecialiseerd personeel en religieuze voorgangers; een kwestie die kritiek van politici en veiligheidexperts heeft uitgelokt.
Dit centrum, dat werkzaam is in de wijk ‘Maida Vale’ in Londen, staat op de officiële lijst van sponsoren van werkvisumaanvragen (Sponsor Licence) van het Britse Ministerie van Binnenlandse Zaken; een vergunning die gekwalificeerde instellingen in staat stelt ‘brieven van financiële ondersteuning’ uit te geven voor buitenlandse aanvragers; een document dat een van de vereisten is voor het verkrijgen van een Brits werkvisum. Het Ministerie van Binnenlandse Zaken heeft echter verklaard dat dit centrum sinds 2022 deze bevoegdheid niet heeft gebruikt om nieuw personeel aan te trekken.
Deze zaak is opnieuw in het nieuws gekomen nu de Charity Commission van Groot-Brittannië haar onderzoeken naar de managementstructuur en mogelijke banden van dit centrum met de Islamitische Republiek Irak voortzet. Deze onderzoeken begonnen voor het eerst in 2022, na een reeks bezorgdheden over de manier waarop het centrum werd bestuurd, de organisatie van herdenkingseremonies voor Qassem Soleimani en kwesties met betrekking tot bestuur en belangenconflicten, en zijn nog niet afgerond.
In afgelopen maanden heeft de toezichthoudende instantie op Britse goede doelen dit centrum verplicht zijn managementstructuur te hervormen en verklaard dat haar onderzoeken voortduren. De Charity Commission heeft benadrukt dat zij, indien wanbestuur of schending wordt aangetoond, haar wettelijke bevoegdheden zal gebruiken om tegen deze instelling op te treden.
Critici stellen dat het behoud van een dergelijke vergunning voor een instelling die nog onder onderzoek staat, niet aansluit bij het beleid van de Britse regering tegen de invloed van de Islamitische Republiek. ‘Lord Walney’, voormalig adviseur van de Britse regering inzake bestrijding van politiek geweld, waarschuwde in gesprek met de krant Telegraph: “Gezien de omstreden geschiedenis van deze instelling en de voortdurende onderzoeken ervan, is het registreren van het Islamic Centre of England als visumsponsor zorgwekkend.” Hij verzocht de minister van Binnenlandse Zaken de vergunning van dit centrum onmiddellijk opnieuw te beoordelen en de criteria voor het verlenen van dergelijke vergunningen strenger te maken.
Deze bezorgdheden beperken zich niet alleen tot immigratiekwesties. In afgelopen jaren hebben de activiteiten van dit centrum herhaaldelijk koppelingen in het nieuws gebracht; van het organiseren van herdenkingseremonies voor Qassem Soleimani, voormalige commandant van de Quds-brigades van de Revolutionaire Gardisten, tot de verkoop van goederen met symbolen gerelateerd aan de Islamitische Republiek en Hezbollah op een lokale markt. Deze voorgeschiedenis is aangehaald als een van de belangrijkste redenen voor het voortdurende onderzoek door Britse toezichthoudende instanties.
Aan de andere kant hebben functionarissen van het ‘Islamic Centre of England’ elke organisatorische aansluiting bij de Islamitische Republiek ontkend. Een woordvoerder van dit centrum heeft benadrukt dat deze instelling een onafhankelijke Britse liefdadigheidsorganisatie is die overeenkomstig de wetten van dit land opereert en, net als veel andere religieuze organisaties, beschikt over de vergunning voor visumaanvragen. Dit centrum heeft echter toegegeven dat er vragen zijn gesteld over mogelijke banden met de Iraanse regering.
Tegelijkertijd is de druk op de Britse regering om op te treden tegen netwerken van invloed van de Islamitische Republiek in het land toegenomen. Vorige maand werden ook berichten gepubliceerd die aantoonden dat de Charity Commission om uitgebreidere wettelijke bevoegdheden vraagt voor het aanpakken van liefdadigheidsorganisaties waarvan wordt vermoed dat zij banden hebben met vijandige staten, waaronder de Islamitische Republiek Iran. Deze instelling heeft verklaard dat de huidige wetgeving onvoldoende is om mogelijke misbruik van liefdadigheidsstructuren aan te pakken.
De zaak van het ‘Islamic Centre of England’ is nu voor veel waarnemers niet alleen een juridische of administratieve kwestie; het is een voorbeeld geworden van bredere bezorgdheden over de inspanningen van de Islamitische Republiek om haar ideologische en organisatorische invloed buiten Irans grenzen in stand te houden en uit te breiden; een kwestie die, volgens critici, Europese regeringen dwingt moeilijker evenwicht te vinden tussen vrijheid van religeuze organisaties en nationale veiligheidsbeschouwingen.




