Turkije ontmijnt 80.000 mijnen aan grens met Iran

Het ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties heeft aangekondigd dat met het ontmijnen van 80.000 mijnen aan de grens van Turkije met Iran is begonnen. Het ontmijnen van deze mijnen vindt plaats volgens een tweejarig plan van de Verenigde Naties en wordt gefinancierd door de Europese Unie.
De Verenigde Naties maakten woensdag 7 Mehr (29 september) bekend dat het grootste mijnontmijningsproject ter wereld aan de grens tussen Turkije en Iran is gestart.
Turkije plaatste tussen 1953 en 1996 mijnen aan zijn oostelijke grenzen om illegale grensoversteken te voorkomen en ook om indringing van leden van de Koerdische Arbeiderspartij (PKK) tegen te gaan.
Het Turkse leger gebruikte in de jaren negentig op grote schaal antipersoneelmijnen in zijn grensgebied met Iran in de strijd tegen de Koerdische Arbeiderspartij (PKK).
Het land trad echter in 2004 toe tot het internationaal Verdrag van Ottawa. Het Verdrag van Ottawa verbiedt antipersoneelmijnen. Na toetreding tot dit verdrag stemde Turkije in met het ontmijnen van zijn oostelijke grenzen met Iran.
Lucia Vinton, permanente vertegenwoordiger van het ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties in Turkije, verklaard in een statement dat het gebruik van antipersoneelmijnen in het afgelopen decennium als een onmenselijke methode voor grenscontrole is veroordeeld.
Volgens de Verenigde Naties zijn 175 mijnontruimers samen met 16 mijnopsporingshonden bezig met het uitvoeren van het mijnontmijningsplan aan Turkjes grenzen.
Naar verluidt zullen de ontmijnde gebieden beschikbaar worden gesteld aan de inwoners van grensgebieden voor landbouw en veeteelt.




