Golrokh Irayi gearresteerd door tien agenten in burgerkledij zonder arrestatiebevel aan haar deur

Een geïnformeerde bron vertelde de Iraanse mensenrechtencommissie dat Golrokh Ebrahimi Irayi, een maatschappijactiviste, zaterdag 18 aban (9 november) in haar woning in Teheran is gearresteerd. Volgens deze bron hebben tien mannelijke agenten in burgerkledij mevrouw Irayi zaterdagmiddag zonder enig arrestatiebevel gearresteerd. Tot het moment van schrijven van dit bericht is er geen informatie beschikbaar over haar verblijfplaats.
Golrokh Irayi werd op 18 farvardin 1398 (7 april 2019) uit de gevangenis vrijgelaten na het uitzitten van haar straf. Deze vrijlating vond plaats nadat een ander dossier tegen mevrouw Irayi was geopend in de gevangenis met een borgstelling van 60 miljoen toman. Ze werd op 3 aban 1395 (24 oktober 2016) zonder schriftelijke oproep door veiligheidsfunctionarissen thuis gearresteerd en overgebracht naar de gevangenis van Evin. Later werd 30 maanden van haar straf kwijtgescholden en werd haar definitieve vonnis tot twee en een half jaar verkort. Golrokh Irayi verliet op 18 farvardin 1398 de gevangenis van Evin na het uitzitten van haar straf. Vanwege een tweede dossier was zij verplicht een borgstelling van 60 miljoen toman aan het gerechtshof te betalen bij haar vrijlating.
De geïnformeerde bron vertelde de commissie: “We weten nog steeds niet of dit een nieuwe zaak is, of dat ze haar hebben gearresteerd vanwege Golrokhs inspanningen met betrekking tot de toestand van haar echtgenoot Arash Sadeghi, of vanwege een vonnis dat voor Golrokhs recente dossier was uitgevaardigd. Golrokh zelf wist niets toen ze werd gearresteerd, ze belde haar familie en zei dat ze haar wilden arresteren, maar ze toonden geen arrestatiebevel, geen identificatiebewijs en gaven geen verklaring voor de reden van de arrestatie.”
Volgens deze bron “voelt niemand zich verplicht zelfs maar een eenvoudige verklaring te geven, net zoals in Golrokhs recente dossier, waar haar vonnis door het hoger beroepsgerechtshof werd bevestigd zonder dat zij of haar advocaat ervan op de hoogte waren wanneer het hoger beroepsgerechtshof zou samenkomen en zonder kans op verdediging.”
Golrokh Irayi is in dit nieuwe dossier, waarin zij samen met Atena Daemi betrokken is, definitief veroordeeld tot drie jaar en zeven maanden gevangenisstraf en twee jaar uitsluiting van deelname aan sociale groepen.
Golrokh Irayi en Atena Daemi werden in een gezamenlijk dossier, toen zij in de gevangenis van Evin zaten en hun vonnissen uitvoerden, beschuldigd van twee aanklachten: “propaganda tegen het systeem” en “belediging van de leider”. Hun eerste proces vond plaats in afdeling 26 van het Revolutionaritge Gerechtshof onder voorzitterschap van rechter Iman Afshari, en afdeling 36 van het Hoger Beroepsgerechtshof bevestigde dit vonnis volledig.
De basis van de aanklachten tegen deze twee politieke gevangenen waren “het schrijven van brieven en verklaringen vanuit de gevangenis” en “contact met buitenlandse media” en “belediging van de leider” door middel van “zingen na de executie van Zaniyar Moradi, Loghman Moradi en Ramin Hossein Panahi in het bezoekersgedeelte van de gevangenis.”
Amir Raisiyan, advocaat van Golrokh Irayi, vertelde donderdag 14 shahrivar (5 september) aan Edalat-news dat het vonnis van zijn cliënt door het Hoger Beroepsgerechtshof volledig is bevestigd.
Amjad Hossein Panahi, broer van Ramin Hossein Panahi die op 17 shahrivar 1397 (8 september 2018) werd geëxecuteerd, schreef op zijn persoonlijke Twitter: “Het dossier van Atena en Golrokh werd geopend sinds zij bezwaar maakten tegen de executie van Ramin Hossein Panahi en Zaniyar en Loghman Moradi. Ze zaten op dat moment in de gevangenis van Evin en zongen tijdens hun protest ter nagedachtenis aan deze drie geëxecuteerde activisten in het bezoekersgedeelte.”
De geïnformeerde bron vertelde de commissie dat “op basis van een kennisgeving die op het Thena-systeem is gepubliceerd, de datum van tenuitvoerlegging van het vonnis in het nieuwe dossier 1 dey is, wat twee en een half maand verwijderd is van nu, en we snappen echt niet wat er is gebeurd dat ze zomaar tien mannen in burgerkledij naar Golrokhs huis hebben gestuurd en haar hebben gearresteerd zonder een arrestatiebevel of verklaring. Dit is als ontvoering. Golrokhs enige activiteit na haar vrijlating was het volgen van Arash’ situatie, en we weten niet of haar arrestatie ermee verband houdt.”
Het Thena-systeem is het systeem voor elektronische gerechtelijke diensten, indiening en opvolging van klachten, verzoekschriften, verklaringen, hoger beroep en herzieningen van het gerechtelijk apparaat van de Islamitische Republiek Iran.
Golrokh Irayi, echtgenote van Arash Sadeghi, een politieke gevangene, onderging in shahrivar 1397 (augustus 2018) een operatie waarbij een kankerachtige tumor van haar rechterschouder werd verwijderd. Mevrouw Irayi beschreef vrijdag 26 mehr (17 oktober) in een interview met de commissie de toestand van haar echtgenoot als “gevaarlijk” en vroeg om deze politieke gevangene naar een ziekenhuis buiten de gevangenis te sturen. Mevrouw Irayi vertelde de commissie dat “Arash Sadeghi’s rechterhand geïnfecteerd is, volledig uitgevallen is en buiten de gevangenis onder medische supervisie moet worden gesteld.”
Mevrouw Irayi is een maatschappijactiviste die eerder werd veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf onder de beschuldiging van “belediging van heilige waarden” door het schrijven van een onuitgegeven verhaal dat werd ontdekt toen veiligheidsfunctionarissen hun huis doorzochten. Ze werd ook veroordeeld tot één jaar gevangenisstraf onder de beschuldiging van “propaganda tegen het systeem” door deelname aan verschillende demonstraties voor de gevangenis van Evin, bezoeken aan politieke gevangenen en familieleden van doden uit 2009. Dit vonnis werd uitgevaardigd door afdeling 15 van het Revolutionairtge Gerechtshof onder voorzitterschap van rechter Abolqasem Salwati en werd door afdeling 54 van het Hoger Beroepsgerechtshof volledig bevestigd. Op basis van artikel 134 van de “Islamitische strafwet” diende zij de zwaarste straf uit te zitten, namelijk vijf jaar gevangenisstraf voor belediging van heilige waarden.
Bron: Iraanse mensenrechtencommissie




